Het aantal kinderen dat ontvoerd wordt naar het buitenland stijgt voor het derde jaar op rij. Vorig jaar werden 288 kinderen meegenomen vanuit Nederland en dat zijn er ruim dertig meer dan het jaar daarvoor. Daarnaast is het aantal dreigende ontvoeringen toegenomen. In bijna alle gevallen is één van de ouders de dader.

Nieloefaar Bahadori werd als 2-jarige peuter ontvoerd door haar vader. Hij hield haar vast in Iran. Moeder Atti Bahadori was destijds in 2002 in totale paniek. "Ik was op m’n werk en ik belde naar huis. Toen hij niet opnam, kreeg ik het ijskoud. Er bleek ook nog eens veel geld van mijn rekening te zijn gehaald en toen wist ik genoeg. Ik was zo wanhopig." Dochter Nieloefaar kan zich van dat moment en eigenlijk van de hele ontvoering weinig herinneren.

Atti Bahadori en dochter Nieloefaar bij EenVandaag

'Waar is mijn moeder? Niemand reageerde..' 

Atti wist één ding heel zeker: haar dochter moet terugkomen. Maar zo makkelijk ging dat niet. Nederland heeft geen verdrag met Iran, waardoor druk uitoefenen geen mogelijkheid is. In islamitische landen gaat de voogdij automatisch naar de vader. De rechter aldaar besloot dan ook dat Nieloefaar bij haar vader kon blijven. Twee jaar lang probeerde Atti haar dochter via de officiële weg terug te halen. Nadat ze de scheiding van haar man geregeld had, durfde ze eindelijk zelf Iran in te gaan. Door middel van een bezoekregeling kreeg Atti weer contact met Nieloefaar.

Tijdens de vierde ontmoeting besloot Attie haar dochter mee te nemen en niet meer terug te geven. Via Irak, waar de oorlog tegen Amerika gaande was, kwamen moeder en dochter in Turkije terecht en daar ging het mis. "We waren daar illegaal en belandden in de gevangenis. Omdat ik in Iran was geboren wilden ze mij terugsturen naar dat land", vertelt Atti. Aan de gevangenis heeft Nieloefaar wel herinneringen: "Ze hadden m'n moeder bij me weggehaald. Ik ging hard tegen de deuren bonken en schreeuwen: 'Waar is mijn moeder?'. Maar niemand reageerde".

'Een gebroken kind' 

Na bemoeienis van de Nederlandse overheid werden Atti en Nieloefaar vrijgelaten. Eindelijk kon de tocht naar huis ingezet worden. Nieloefaar was bijna vijf jaar toen ze weer thuis in Nederland kwam. "Ik heb gehoord van verhalen dat ik erg agressief was als kind. Ik wilde mijn emoties op een ongezonde manier uitten." 

Dat wordt bevestigd door haar moeder. Want ondanks dat zij heel blij was dat ze haar dochter weer thuis had, was er ook veel werk aan de winkel: "Ik zag ook een gebroken kind. Ik kon niet alleen gaan douchen, ze wilde continu bij me zijn. Dat was een pijnlijke situatie. Ze liet een keer een glas vallen, waarna ze begon te gillen en vroeg of ik haar geen pijn wilde doen. Toen dacht ik echt bij mezelf: Wat is er toch allemaal met je gebeurd?"

'Hogere straffen voor ontvoering'

De traumatische gebeurtenissen hebben ervoor gezorgd dat de band tussen moeder Atti en dochter Nieloefaar ijzersterk is. Maar ze beseffen ook dat dit niet voor iedereen is weg gelegd. Het aantal kinderontvoeringen naar het buitenland stijgt nu al drie jaar op rij. Volgens Atti moet de Nederlandse overheid wel het één en ander veranderen wil het dat cijfer naar beneden krijgen. "Straffen in ons land moeten hoger voor het ontvoeren van kinderen, zodat ouders ontmoedigd worden om zoiets te doen. Daarnaast moet Nederland sterker zijn in de onderhandelingen. In België hebben ze wel een Iraans kind kunnen terughalen. De Nederlandse autoriteit is te voorzichtig. Natuurlijk kan de autoriteit niet zoveel doen als er geen verdrag is met het betreffende land, maar Nederland kan wel emotioneel helpen. Dat is ook heel belangrijk."