
Kinderen moeten beter leren lezen met nieuwe kerndoelen, op deze school lukte het al
In een groot deel van Nederland is de zomervakantie voorbij en zijn de scholen weer open. Met vanaf vandaag nieuwe kerndoelen voor taal en rekenen om het niveau te verbeteren. Want nog nooit hadden zoveel kinderen moeite met lezen en schrijven.
"Voor ons komt hiermee een lang gekoesterde wens uit", zegt directeur Eva Naaijkens van de Alan Turingschool, een basisschool in Amsterdam. De school werkt al 10 jaar volgens een methode die nu landelijk als voorbeeld kan gaan dienen, waarbij taal centraal wordt gesteld. "Het is echt een middel om het taalonderwijs te verbeteren."
Leren lezen
Het idee is volgens Naaijkens eenvoudig. "We leren onze kinderen lezen, zodat ze kunnen leren. Daarmee leren we ze literair competent te worden, zo leren ze te genieten van boeken. Dat lezen kost ons wel 50 tot 60 procent van onze onderwijstijd, dus er wordt ontzettend veel gelezen."
Sinds vandaag gelden nieuwe kerndoelen voor het onderwijs. In deze nieuwe wettelijke opdracht aan de scholen staat duidelijker wat leerlingen op de basisschool en in de onderbouw van de middelbare school moeten leren. De oude doelen kwamen uit 2006 en waren volgens deskundigen te vaag. Hoewel de doelen wettelijk zijn vastgelegd, zijn scholen vrij om te bepalen hoe ze die doelen precies invullen. De scholen moeten de doelen halen, maar de manier waarop mogen ze zelf bepalen.
Eerst kennis van de wereld
"We hebben een tijd gedacht dat we leerlingen moesten helpen om teksten te begrijpen door ze leesstrategieën aan te leren. Daar zijn we in doorgeschoten. In het onderwijs zijn we nu vergeten dat het om achtergrondkennis en woordenschat gaat", zegt taaldeskundige Joanneke Prenger van SLO (voorheen Stichting Leerplan Ontwikkeling), de organisatie die de nieuwe kerndoelen heeft opgesteld met leraren en vakexperts.
"Taalvaardigheid hangt in deze doelen meer samen met kennis van de wereld om je heen opbouwen, zodat je teksten beter begrijpt", licht ze toe.
Verdieping
Prenger geeft een eenvoudig voorbeeld. "Ik ben als taalexpert goed in lezen, maar als jij mij een tekst uit het Financieele Dagblad geeft over de aandelenmarkt dan begrijp ik daar een stuk minder van omdat ik hier minder kennis over heb. Je kunt teksten uit de krant pas begrijpen als je al enige kennis over het onderwerp hebt en wat je leest dus kunt verbinden met wat je al weet."
Begrijpend lezen hangt niet alleen af van hoe goed je kunt lezen, maar van wat je al weet.taaldeskundige Joanneke Prenger
Voor kinderen werkt dat net zo, legt ze uit. Als een kind al wat achtergrondkennis heeft bij een onderwerp, leest het daar dus makkelijker over. "Begrijpend lezen hangt dus niet alleen af van hoe goed je kunt lezen, maar van wat je al weet."
Een derde 15-jarigen onder niveau
Volgens Prenger wordt die kennis alleen maar belangrijker, omdat kinderen ook kritische lezers moeten worden. "Met de komst van kunstmatige intelligentie moet je ook kritischer leren zijn om teksten goed te kunnen beoordelen. Dat is dus ook precies wat het Pisa-onderzoek vraagt. Kinderen moeten begrijpen wat ze lezen."
De internationale onderwijsranglijst van Pisa is een internationaal vergelijkend onderzoek van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) naar de vaardigheden van 15-jarigen in onder meer lezen en rekenen. Uit het laatste onderzoek bleek dat één op de drie Nederlandse 15-jarigen het basisniveau lezen niet haalt.
Slechte prestaties
Nederland staat op de 35ste plaats van de 81 deelnemende landen aan het onderzoek. Binnen Europa behoort Nederland daarmee tot de landen met de slechtste leesprestaties.
Ook als het gaat om rekenen en wiskunde zijn de resultaten onder Nederlandse leerlingen sinds 2006 sterk gedaald.
Leesplezier doodgeslagen
Volgens taaldeskundige Prenger kunnen Nederlandse leerlingen wel goed een tekst van a tot z lezen op 15-jarige leeftijd, maar kunnen diezelfde leerlingen minder goed het doel van de schrijver achterhalen, het zogenoemde 'diepe tekstbegrip'. "Dat type tekstbegrip onderwijzen wij te weinig. Juist dit punt zetten we nu centraal in de kerndoelen."
De Amsterdamse basisschooldirecteur Naaijkens haakt daar op aan. "Een van de redenen waarom het leesonderwijs zo achteruit is gehold, is wat wij met begrijpend lezen hebben gedaan", zegt Naaijkens. "We hebben bij begrijpend lezen lang teksten voorgeschoteld aan kinderen en daar een soort vraag- en antwoordspel van gemaakt. Dat heeft eigenlijk het hele leesplezier voor heel veel kinderen doodgeslagen."
Woordenschat
Daar komt volgens Naaijkens inderdaad bij dat kennis en woordenschat ook heel belangrijk is voor kinderen om goed te leren lezen. En kennis en woordenschat krijg je niet door simpelweg meer te lezen. Ook door andere vakken aan te bieden, die kennis verbreden en verdiepen.
"Dat zijn vakken over wereldoriëntatie bijvoorbeeld, die zijn we steeds minder belangrijk gaan vinden. Dat soort vakken moeten ook weer terug in het hart van het onderwijs komen te staan, wil je leesonderwijs goed maken."
Resultaten
Op de Amsterdamse basisschool waarbij ze minstens de helft van de lesweek besteden aan lezen zien ze inmiddels dat hun aanpak werkt. "Met onze aanpak lukt het ons alle kinderen, ongeacht hun achtergrond, op een goed niveau te brengen. Dat betekent dat ze echt goed kunnen lezen. Ze kunnen een boek lezen, ze kunnen lange teksten lezen, ze kunnen teksten kritisch lezen", somt ze op. "Ze hebben echt een heel goede taalbeheersing."
Volgens Prenger kan het nog jaren duren voordat de resultaten breder door gaan werken. In de tussentijd kunnen vaders, moeders, oma's en opa's ook al veel doen, adviseert ze. "Elke dag voorlezen. En dan vooral ook boeken die kinderen net nog te ingewikkeld vinden. Met moeilijke woorden, waarover je in gesprek kunt gaan. Maar je kunt ook samen het jeugdjournaal kijken en daarover praten, om het begrip van kinderen te vergroten."