Koeien zoeken verkoeling in de Lek tijdens de hete zomer van 1976Bron: ANP
Koeien zoeken verkoeling in de Lek tijdens de hete zomer van 1976
Droogte

In 1976 was het ook extreem droog, 50 jaar later houden we nog steeds niet genoeg water vast

De extreme droogte van nu lijkt ongekend, maar precies 50 jaar geleden beleefden we de droogste zomer ooit. Wat hebben we sinds 1976 geleerd over waterbeheer en wat nog altijd niet?

Extra regen kunnen we niet afdwingen, maar hoe we omgaan met water hebben we wel in de hand. Een halve eeuw na de beruchte zomer van 1976 maken we de balans op.

Wat hebben we geleerd van de extreme droogte in 1976?

De zomer van 1976

Eerst even terug naar die zinderende zomer: hoe droog en warm was die, ook in vergelijking met de zomer van nu? "Ze gaan redelijk gelijk op", zegt meteoroloog Reinout van den Born daarover. "Beide zomers zijn ruim 2 graden warmer dan het gemiddelde voor de tijd en ook het aantal zomerse en tropische dagen is vergelijkbaar."

De zomer van 1976 was wel droger. "Dat jaar eindigde met een neerslagtekort van 361 liter per vierkante meter. De teller staat nu op 270 liter. Maar omdat het seizoen nog niet voorbij is, kan het tekort dit jaar nog heel dicht in de buurt komen van het record van 1976", vertelt Van den Born.

Lessen na grote natuurbrand

Vlak na de zomer van 1976 werden er op het gebied van crisisbeheersing maatregelen genomen. Zo veranderde de manier waarop we met natuurbranden omgaan. Er was namelijk een enorme natuurbrand geweest in de omgeving van Arnhem, die de brandweer uiteindelijk met moeite kon blussen.

"Oude brandtorens werden buiten gebruik gesteld en vervangen door vliegtuigjes, om branden sneller op te sporen. Ook werden er op grote schaal brandgangen in de bossen aangelegd", vertelt Van den Born. Als 8-jarige woonde hij zelf vlakbij de bosbranden. Dat maakte flinke indruk.

Droogte op de kaart

Bovendien zette de crisis van 1976 droogte definitief op de kaart. Hydroloog Gé van den Eertwegh vertelt: "Waar het waterbeleid in de jaren 60 vooral gericht was op het gebruik van drinkwater, ontstond na 1976 het besef dat er beleid moest komen voor het verdelen van oppervlaktewater, rivierwater en grondwater."

Dat was het begin van maatregelen die soms pas veel later zouden volgen, zoals de oprichting van de Landelijke Commissie Waterverdeling.

Watergebruik juist toegenomen

"De belangrijkste adviezen na 1976 waren helder: stuur beter op het watergebruik van de intensieve landbouw en zorg dat we genoeg grondwater hebben", vertelt Van den Eertwegh, die is verbonden aan KnowH2O. In de praktijk gebeurde het tegenovergestelde.

"Boeren bewapenden zich tegen droogte door massaal te investeren in beregeningsinstallaties. Doordat ook de bevolking en de industrie groeiden, is het totale watergebruik na 1976 niet afgenomen, maar juist explosief toegenomen." Daardoor ontstond een vicieuze cirkel. "Als je gewassen beregent met grondwater, zakt de grondwaterstand. Daardoor drogen je gewassen sneller uit en blijf je pompen zolang het niet regent."

'Weinig controle op verbruik'

Hoewel we tegenwoordig veel beter begrijpen hoe de hydrologie werkt en we de grondwaterstanden goed meten, schiet de controle op het daadwerkelijke verbruik tekort, vindt Van den Eertwegh.

Voor grootverbruikers zoals de industrie en drinkwaterbedrijven geldt een vergunningsplicht, maar veel andere gebruikers hoeven een put of pomp alleen te melden bij het waterschap. Het daadwerkelijke verbruik wordt nauwelijks gecontroleerd, zegt hij. Er is wel een grondwaterregister, maar die gegevens zijn volgens hem niet compleet.

Watervoorraden

Het is volgens Van den Eertwegh belangrijk dat we grondwater veel serieuzer nemen: "Het is de grootste waterbuffer die we overal in het land kunnen benutten door daar in de winter meer water in op te slaan."

Vaak wordt het IJsselmeer genoemd als 'de nationale regenton'. Maar Van den Eertwegh vindt die toekenning zwaar overschat. "Het water uit het IJsselmeer komt niet in het oosten van het land terecht. En bij extreme droogte, zoals in 2018, verdampte er meer water uit het meer dan dat er via de IJssel binnenstroomde."

50 jaar later nog steeds hetzelfde advies

Om die bufferkracht van ons grondwater optimaal te benutten, is het noodzakelijk om neerslag in de winter beter vast te houden. Maar precies op dat punt wringt de schoen al decennia.

Dat we 50 jaar na 1976 nog steeds het advies krijgen om grondwater beter vast te houden, komt volgens Van den Born doordat het in de praktijk lastig blijkt om alle neuzen dezelfde kant op te krijgen. "De belangen van de agrarische sector zijn bijvoorbeeld ook heel groot. Die willen in het voorjaar snel de velden op, terwijl waterbeheerders water langer willen vasthouden."

Doorzetten en doorpakken

Ook volgens Van den Eertwegh ontbreekt het niet aan instituties en wetgeving. "Het ligt aan doorzetten, doorpakken en bestuurlijk lef tonen om pijnlijke keuzes te maken. In Zeeland is het water brak, in Limburg en de Achterhoek staan beken droog."

"Het is alle hens aan dek. Dat grondwater moeten we echt veel beter gaan beheren. Hoe langer we het uitstellen, des te groter de schade wordt voor natuur, landbouw en scheepvaart."

Advertentie via Ster.nl