
FVD-school betaald met belastinggeld: zo maakt de wet dat mogelijk
De eerste scholen openen vandaag weer de deuren voor een nieuw schooljaar. De nieuwkomer dit jaar? De Renaissanceschool in Almere, verbonden aan politieke partij FVD. Nog niet eerder deed een partij dit, maar in principe mag iedereen een school beginnen.
Toch roept het vragen op. De school - die officieel niet is opgericht door FVD maar door een stichting met nauwe banden met de politieke partij - wordt namelijk gewoon betaald met belastinggeld.
Eerst particulier
Het is niet voor het eerst dat Forum voor Democratie probeert een school te starten. In 2022 opende de Renaissanceschool ook al de deuren, maar in 2024 moest de school stoppen omdat het niet lukte om de financiering rond te krijgen. Die school was particulier, wat betekent dat ze geen geld kregen vanuit de overheid.
Het was namelijk eerst zo dat alleen bepaalde groepen geld kregen vanuit de overheid als ze een school wilden stichten. "De katholieken, de protestanten, de joodse richting, islamitische richting", somt emeritus hoogleraar onderwijsrecht Paul Zoontjens van Tilburg University op. Maar in 2021 kwam daar verandering in. "Vanaf toen mocht iedereen een school oprichten." En daarvoor geld krijgen vanuit de overheid.
Eisen en regels
Al zijn er natuurlijk wel bepaalde grenzen en eisen, voegt Zoontjens daaraan toe. Zo moet de school genoeg leerlingen kunnen trekken. "In het geval van Almere gaat het over 227 leerlingen in 11 jaar tijd", vertelt Zoontjens. Maar daar zit nog wel een strengere procedure aan verbonden. "Als na 3 jaar blijkt dat de school nog geen 166 leerlingen heeft, moet die sluiten."
Daarbij moet de bestuurder van de school een Verklaring Omtrent Gedrag (VOG) hebben, en moeten de docenten geschoold zijn. "En de initiatiefnemers moeten vooraf allerlei documenten aan de overheid verschaffen, die de inspectie beoordeelt." Ze moeten ook bewijzen dat ze genoeg aandacht besteden aan democratische grondwaarden. Draait de school eenmaal, dan kan de inspectie langskomen voor controles.
Politiek in het onderwijs?
In 2022 en ook nu worden er veel vraagtekens gezet bij de FVD-school. Staatssecretaris van Onderwijs Judith Tielen zei eerder dat de opening van de FVD-school haar zorgen baart. Zoontjens begrijpt die zorgen wel. "We willen niet dat ons onderwijs politiek wordt."
Ideeën uitwisselen, het leren van stof, hoort in een sfeer van vrijheid te gebeuren en daar past niet bij dat je politiek bedrijft in de school.emeritus hoogleraar onderwijsrecht Paul Zoontjens
Hij gaat verder: "Onderwijs hoort vrij te zijn. Ideeën uitwisselen, het leren van stof, hoort in een sfeer van vrijheid te gebeuren en daar past niet bij dat je politiek bedrijft in de school."
'Niet tegen te houden'
"Tegelijkertijd met die zorgen moet ik ook wel constateren dat het heel moeilijk is, feitelijk, om te verhinderen dat een politieke partij bemoeienis heeft met de oprichting van een school", voegt hij daaraan toe. Dus ondanks dat staatssecretaris Tielen zich zorgen maakt, kan zij er niet heel veel mee doen.
"Je zou wel kunnen verbieden dat een politieke partij een school opricht, maar dat verhindert niet een politieke beweging om dan via een andere rechtspersoon, waar zij banden mee heeft, een school op te richten", legt de emeritus hoogleraar uit. "En dat is vrijwel niet tegen te houden." FVD heeft dat dus gedaan met de stichting die de school officieel heeft opgericht.
Artikel 23 afschaffen?
De enige optie die er zou zijn om te voorkomen dat een politieke partij een school indirect opricht, is door artikel 23 van de grondwet af te schaffen. Dat artikel gaat over vrijheid van onderwijs en zorgt ervoor dat er naast openbare scholen ook bijzonder onderwijs bestaat. Zou dat artikel er niet zijn, dan waren er alleen overheidsscholen. Dat is bijvoorbeeld in Frankrijk en Duitsland het geval.
"Maar dat zou een heel radicale oplossing zijn", zegt Zoontjens. "Ik denk niet dat het daar voorlopig van kan komen. De politiek is te verdeeld hierover." Daarbij kost dat heel veel tijd en moeite.
Maar 4 leerlingen
Van de achttien leerlingen die in eerste instantie waren aangemeld, kwamen er vandaag vier kinderen naar school. Directeur Douwe Filz vertelde aan het AD dat in totaal maar zes van de achttien aangemelde kinderen zich uiteindelijk hebben ingeschreven. Twee kinderen stromen later in het jaar in. Volgens hem is de rest van de kinderen nog niet oud genoeg om naar de basisschool te gaan.
Emeritus hoogleraar Zoontjens is duidelijk over zijn verwachtingen voor de school. "Volgens de wet moet de school binnen 3 jaar 166 leerlingen hebben", herhaalt hij. "En ik denk dat dat een hele klus zal worden. Mijn voorspelling is dat deze school niet langer dan 3 jaar zal bestaan."