
Binnenvaart loopt vast door kapotte bruggen en sluizen: 'Schippers moeten soms urenlang wachten'
De infrastructuur in Nederland staat zwaar onder druk. Niet alleen op land, maar ook op het water: door verouderde, kapotte bruggen en sluizen moeten vrachtschepen steeds vaker omvaren. En dat heeft gevolgen voor de levering van allerlei producten.
Nederland is een waterland en daardoor zeer geschikt voor goederenvervoer over water. Bovendien is het een duurzame en efficiënte manier van transport. Toch ervaart de binnenvaart steeds vaker hinder. "Schippers moeten soms urenlang wachten."
Uren voor kapotte sluis
Veel bruggen en sluizen zijn namelijk verouderd, waardoor ze geregeld storingen hebben, niet opengaan of zelfs buiten gebruik raken. Schepen liggen hierdoor soms uren te wachten voor een dichte brug of moeten in sommige gevallen omvaren.
Ik schrik er helaas niet meer van als een schipper 9 uur moet wachten voor een sluis.Leny van Toorenburg van branchevereniging voor binnenvaart
"Het belemmert de binnenvaart dagelijks", vertelt Leny van Toorenburg van branchevereniging Koninklijke Binnenvaart Nederland. "Ik schrik er helaas niet meer van als een schipper 9 uur moet wachten voor een sluis."
Omvaren kost geld
Voor schippers is dat niet alleen frustrerend, het kan ook flink in de papieren lopen. Als een brug of sluis onverwacht uitvalt, moeten schepen soms omvaren, legt van Toorenburg uit. "En het is nou eenmaal niet zoals op de weg, dat je denkt: links is afgesloten, ik ga naar rechts."
Zo werkt het niet, benadrukt ze. "Je hebt in zo'n geval altijd een omvaarroute nodig en dat is niet eenvoudig." Het kan leiden tot langere vaartijden en daarmee extra brandstofverbruik. "En je kunt je wel voorstellen wat dat financieel betekent."
Logistieke gevolgen
De gevolgen van defecte bruggen en sluizen blijven daarnaast niet beperkt tot de binnenvaart. Dat merkt ook Michel van Dijk, hij is logistiek directeur bij transportbedrijf Van Berkel Logistics. "De afgelopen jaren zien we steeds vaker verstoringen."
"Vaak is onduidelijk hoe lang zo'n stremming duurt, waardoor containers later op hun bestemming aankomen", legt hij uit. En dat zorgt ook bij transportbedrijven voor hogere kosten. "De producten in die vertraagde container kunnen dan duurder worden."
Uitwijken naar de weg
Als een vaarroute langere tijd niet beschikbaar is, kan dat betekenen dat vervoerders naar alternatieven uitwijken. "Wanneer een stremming grote gevolgen heeft voor de operatie, kiezen bedrijven er soms voor om de lading alsnog over de weg te vervoeren", zegt Van Dijk.
Het gevolg is dat er meer vrachtwagens rondrijden en dat merken we allemaal: de verkeersdruk op (snel)wegen neemt hierdoor toe, wat uiteindelijk weer tot meer files kan leiden.
'Slagader van de economie'
Koninklijke Binnenvaart Nederland benadrukt dat investeren in bruggen, sluizen en vaarwegen noodzakelijk is om het goederenvervoer over water betrouwbaar te houden. "Het kabinet moet zich beter realiseren dat de binnenvaart de slagader van de economie is", zegt Van Toorenburg.
Volgens haar is het zonde als de capaciteit van de binnenvaart door gebrekkige infrastructuur niet optimaal kan worden benut. "Dat kan nooit de bedoeling zijn. Want de binnenvaart is een milieuvriendelijke manier om goederen van A naar B te vervoeren."
Veel onderhoud nodig
Rijkswaterstaat laat weten voor een grote onderhouds- en vervangingsopgave te staan 'om Nederland veilig en bereikbaar te houden'. De komende jaren moeten veel verouderde bruggen en sluizen uit de jaren 50 en 60 worden gerenoveerd of vervangen.
"De opgave waarvoor we gesteld staan is groter dan de middelen die beschikbaar zijn", zegt dienst. "Daarnaast hebben we te maken met beperkte capaciteit - zowel binnen Rijkswaterstaat als bij onze opdrachtnemers - en met stijgende kosten waardoor we met hetzelfde geld minder kunnen uitvoeren."
'Niet alles tegelijk'
Hierdoor kan Rijkswaterstaat naar eigen zeggen 'niet alles tegelijkertijd aanpakken'. "Daarom moeten we weloverwogen, transparante en onderbouwde keuzes maken, waarbij veiligheid altijd vooropstaat."
De dienst zegt samen met minister Vincent Karremans en staatssecretaris Annet Bertram (Infrastructuur en Waterstaat) keuzes te maken over welke projecten voorrang krijgen, 'op basis van landelijke afwegingen'.