Zes op de tien mensen (59%) zijn niet van plan om geld te geven voor de slachtoffers van de Filipijnen. Dit blijkt uit onderzoek van EenVandaag onder 16.000 mensen. De belangrijkste reden hiervoor is scepsis: velen denken dat het geld niet goed terecht komt.

Een tweede reden voor mensen om niet te geven is dat zij zelf niet veel geld hebben. Bovendien vinden zij dat topmensen van de hulporganisaties te veel verdienen.

Eén op de drie ondervraagden tast wel in de buidel voor de Filipijnen: 8 procent heeft al geld gegeven en 24 procent is dit nog van plan. De meesten (61%) geven maximaal 25 euro. Vooral giro 555 is populair: van hen die geven doet 61 procent dit aan de Samenwerkende Hulporganisaties.

De bereidheid om te geven is het grootst onder kiezers van de christelijke partijen. PVV-stemmers geven het minst. De groep mensen die al geld heeft gegeven bestaat voor bijna tweederde (63%) uit 55-plussers. 

Er is iets minder animo om te geven dan bijna vier jaar geleden met de aardbeving op Haïti. Toen gaf 54 procent aan geen geld te doneren, en zei 36 procent dit wel te doen. 

Over het onderzoek

Het onderzoek vond plaats op 14 en 15 november 2013. Aan het onderzoek deden 16.000 leden van het EenVandaag Opiniepanel mee.

Het EenVandaag Opiniepanel bestaat uit 50.000 mensen. Zij beantwoorden vragenlijsten op basis van een online onderzoek. De uitslag van de peilingen onder het EenVandaag Opiniepanel zijn na weging representatief voor zes variabelen, namelijk leeftijd, geslacht, opleiding, burgerlijke staat, spreiding over het land en politieke voorkeur gemeten naar de Tweede Kamerverkiezingen van 2012. Panelleden krijgen ongeveer een keer per week een uitnodiging om aan een peiling mee te doen. Op de meeste onderzoeken respondeert 60 tot 70 procent van de panelleden.