In Friesland, Groningen, Zeeland en Limburg is de band met de provincie het sterkst. Hoe anders is dat in de Randstadprovincies waar een minderheid zich verbonden voelt, blijkt uit onderzoek van EenVandaag.
In Friesland (85 procent), Groningen (81 procent), Zeeland (78 procent) en Limburg (77 procent) heeft een ruime meerderheid binding met hun provincie. Ook het merendeel van de Drenten (67 procent) en Brabanders (61 procent) voelen die binding met hun provincie. In Randstadprovincies Zuid-Holland (44 procent) en Noord-Holland (47 procent) hebben de inwoners een stuk minder met hun provincie.
Niet-Randstedelingen zijn dus trotser op hun provincie, maar waarop dan? Een belangrijk element is het hebben van een eigen cultuur. In de noordelijke en zuidelijke provincies vinden mensen vaker dat hun provincie een eigen cultuur heeft dan in de Randstad. Dat gaat van het nuchtere karakter van de Groningers en Zeeuwen, de taal van de Friezen tot de bourgondische levensstijl in Limburg en Noord-Brabant.
De vlaggentest
Elke provincie heeft een eigen vlag. Herkennen inwoners die? Bijna alle Limburgers (96 procent), Friezen (95 procent) en Drenten (93 procent) wijzen van de twaalf vlaggen die van hun provincie aan. Ook de Groningse (87 procent) en Brabantse (85 procent) vlag is goed bekend onder inwoners. De vlag van Noord-Holland wordt het minst herkend; 62 procent van de Noord-Hollanders vinkt de verkeerde aan voor hun provincie.
info
Tussen 27 februari en 4 maart ondervroeg EenVandaag 20.615 inwoners van de twaalf Nederlandse provincies. Per provincie deden minimaal 500 inwoners mee. De uitslagen per provincie zijn gewogen op de verhoudingen binnen de provincie, op geslacht, leeftijd, burgerlijke staat, opleidingsniveau en stemgedrag bij de laatste Tweede Kamerverkiezingen.
Door groeiende onzekerheid en instabiele beurzen nemen de zorgen toe. Leden van het EenVandaag Opiniepanel vragen zich af: 'Behoud ik mijn pensioen straks wel, en hoeveel blijft daarvan over?'
Dat geldt ook voor pensionado Peter van Vliet. Ruim 40 jaar bouwde hij pensioen op bij Radio Holland. Tot nu toe heeft hij geen klagen: afgelopen januari ontving hij nog een verhoging. Maar hij maakt zich ook zorgen over de toekomst. Van Vliet vraagt zich af of de hoogte van zijn pensioen straks nog wel vaststaat. Of dat het kan gaan schommelen.
Die zorgen zijn deels terecht, zegt Leontine Treur. Zij is senior-econoom bij RaboResearch en gespecialiseerd in pensioenen. "Pensioenfondsen beleggen. Dus als de beurs beweegt, dan merken pensioenfondsen daar wat van. Maar pensioenfondsen beleggen niet alleen in aandelen, ze hebben een gespreide portefeuille waar ook obligaties inzitten. Vastgoed dus."
In het nieuwe systeem heeft iedereen een eigen pensioenpotje. Je pensioen staat niet meer vooraf vast, maar kan veranderen. Hoeveel pensioen je krijgt, hangt dan bijvoorbeeld af van hoe goed de beleggingen gaan, hoe hoog de rente is en hoe oud mensen gemiddeld worden. Daardoor kan je pensioen hoger of lager worden.
Toch zal een enorme koersval op de beurs volgens Treur de pensioenen niet laten verdampen, omdat de beurs zich ook altijd weer herstelt. "Ook tijdens de covidpandemie en de dotcom-crisis is de beurs flink ingeklapt, maar daarna ook weer hersteld. En die grote schokken hebben gepensioneerden nooit gemerkt."
Ook volgens voorzitter Ger Jaarsma van de Pensioenfederatie hoeven we in het nieuwe systeem niet ineens lagere pensioenuitkeringen te verwachten, als het op de beurs tegenzit. Dit komt vooral door de manier waarop pensioenfondsen hun geld beleggen. "Het zijn langetermijnbeleggers. Wij kijken dus 20, 30, 40 jaar vooruit. Over eventuele schommelingen maken we ons daarom niet zo heel erg druk, omdat die in de tijd wel weer uitvlakken."
"In het nieuwe stelsel blijven wij op dezelfde manier beleggen als in het oude", legt Jaarsma uit. "En dat betekent dat we naast beleggen in aandelen, ook beleggen in obligaties, vastgoed en leningen. Door die risicospreiding maken wij voor de toekomst altijd een goed rendement."
Risico's delen
Toch is niet iedereen er gerust op. In de Tweede Kamer is NSC een van de partijen die zorgen heeft. Agnes Joseph is Kamerlid voor die partij en is bang dat mensen nu al vaste pensioenuitkeringen gewend zijn en dat dit met het nieuwe systeem minder zeker is.
Joseph: "Iedereen krijgt straks, afhankelijk van de leeftijd, een risicovoller of minder risicovol beleggingsbeleid. Er wordt nog wel een klein buffertje aangehouden om risico's te delen, maar dat is veel kleiner. En daarmee kun je natuurlijk veel minder risico's opvangen en delen met elkaar dan nu."
De woonkamer van hospice De Vier Vogels in Rotterdam
Bron:
EenVandaag
Het voortbestaan van tientallen hospices in Nederland wordt bedreigd. Zorgverzekeraars gaan een lagere vergoeding voor verpleging betalen en dat raakt de hospices. In Rotterdam is daarom al besloten de deuren van een hospice te sluiten.
Hospice De Vier Vogels - waar van oudsher 24 uur per dag verpleegkundige zorg beschikbaar is - stopt in juni. Verzekeraar Zilveren Kruis betaalt vanaf 1 april namelijk minder voor de inzet van verpleegkundigen en dat leidt ertoe dat het hospice niet meer genoeg verpleegkundigen heeft.
Lager tarief, minder zorg
"Een 'bijna-thuis-huis', zoals wij zijn, wordt gefinancierd met subsidie van het ministerie van Volksgezondheid. Daarnaast betalen bewoners een eigen bijdrage. We werken met vrijwilligers en verpleegkundigen van de Rotterdamse zorgorganisatie Laurens", legt bestuurslid Jos van Huut uit.
"De verzekeraar betaalt Laurens daarvoor een dagprijs en dat bedrag gaat per 1 april zozeer omlaag dat het inzetten van verpleegkundigen voor 24-uurs zorg minder wordt."
De afgelopen 25 jaar verzorgden de medewerkers van De Vier Vogels stervende patiënten in vier verschillende kamers. Liesbeth Looren de Jong bijvoorbeeld, die er onlangs overleed. Zij was daarmee een van de laatste bewoners.
Haar broer Louis zocht haar bijna dagelijks op. "Mijn zus is net geen 80 geworden, dat zou ze aanstaand weekend zijn geworden", vertelt hij.
'Uitkijken naar de dood'
"De afgelopen 2 jaar waren zwaar voor haar, door lichamelijke problemen", vertelt Looren de Jong over zijn zus, die afgelopen januari werd opgenomen in De Vier Vogels. "Het was een tamelijk dramatische keuze tussen een been-amputatie of naar het hospice. Ze koos voor het laatste, een keuze voor de dood."
"Ze is uit gaan kijken naar de dood in alle rust en alle vrede en is uiteindelijk overleden door euthanasie. "
Hospices in de problemen door bezuinigingen zorgverzekeraars
Klein hospice
Dat De Vier Vogels een klein hospice is, speelt een rol bij de sluiting. Maar uiteindelijk zijn de lagere tarieven van de zorgverzekeraar doorslaggevend.
En De Vier Vogels is niet het enige bijna-thuis-huis in Nederland. Er zijn er ongeveer 120. VPTZ, de koepel voor vrijwilligersorganisaties in de palliatieve terminale zorg, en zorgprofessionals, verwacht dat er meer in de problemen komen door de bezuinigingen.
Ander soort vrijwilligers
De hospices moeten hun aanpak veranderen en meer met vrijwilligers werken, is de boodschap vanuit de zorgverzekeraars. Maar of dat bij iedereen lukt is de vraag, zegt voorzitter van De Vier Vogels Marjo de Bot.
"We zien dat het soort vrijwilligers aan het verschuiven is. Het zijn vaker wat jongere mensen die betekenis zoeken, dat is mooi. Maar het nadeel is: hun beschikbaarheid is minder dan die van de oudere vrijwilligers." Een rooster rondmaken is lastig en 24-uurs verpleegkundige zorg is met deze bezuiniging sowieso niet meer waar te maken.
Naar aanleiding van De Vier Vogels heeft Zilveren Kruis zich uiteindelijk constructief opgesteld en gezegd dat ze een overgangsperiode willen aanbieden. Maar dat komt voor De Vier Vogels te laat. Het besluit is genomen.
"Heel erg spijtig", vindt Carla Aalderink van koepelorganisatie VPTZ het dat De Vier Vogels moet sluiten. "Hospices zijn eigenlijk 'out of the blue' door zorgverzekeraars geconfronteerd met lagere tarieven. Met als gevolg minder uren zorg en een veel te groot beroep op vrijwilligers." Ze verwacht dat tientallen hospices, net als De Vier Vogels, in de problemen komen. "Als er niet wordt ingegrepen, zullen die allemaal verdwijnen."
'Structurele oplossing nodig'
"Een overgangsperiode, zoals Zilveren kruis aanbiedt, klinkt mooi, maar is een incidentele oplossing. Wij willen een structurele, zodat je niet van incident naar incident holt", zegt Aalderink.
Ze wijst erop dat onderzoek juist laat zien dat er in de toekomst meer hospices nodig zijn, vanwege onder andere vergrijzing en een minder groot sociaal netwerk. "We moeten daarom juist zuinig zijn op onze hospicebedden." Aalderink vindt de bezuiniging dan ook 'ondoordacht' met 'verstrekkende financiële gevolgen'. Vrijwilligers komen erdoor onder druk te staan, benadrukt ze. "Het risico is dat ze afhaken omdat ze denken: er wordt meer van mij verwacht en dat kan ik niet."
Of er een alternatief is, volgens Aalderink? "Dat is een heel terechte vraag. We hebben eerder gezien dat het in de wijkverpleging, waar ook geduwd werd op de tarieven, moeilijker werd voor mensen om thuis te sterven. Het idee was toen dat meer mensen naar een hospice moesten."
"Maar als de zorg daar dan ook geminimaliseerd wordt, wat dan? Dan moet je jezelf de vraag stellen waar mensen dan nog kunnen overlijden. Ziekenhuizen zijn er ook niet op ingericht om mensen voor langere tijd een bed te bieden om daar te overlijden."
Staatssecretaris zoekt oplossing
De verantwoordelijk staatssecretaris Vicky Maeijer laat in een reactie weten in gesprek te zijn met de sector om te voorkomen dat meer hospices omvallen.
"Onder leiding van mijn ministerie is gesproken tussen zorgaanbieders, zorgverzekeraars en VPTZ. Er is afgesproken dat Zorgverzekeraars Nederland en ActiZ hun achterban zullen oproepen om snel het gesprek aan te gaan om te voorkomen dat hospices omvallen door de lagere tarieven, dan wel het minder aantal uren aan wijkverpleging. Voor half april wordt dit overleg herhaald om te kijken hoe het ervoor staat."