'Zwarte piet', 'aap', 'treinkaper'. Een greep uit de racistische uitingen die amateurvoetballers met een getinte huidskleur te horen krijgen. De helft van hen blijkt uit onderzoek van EenVandaag wel eens racistisch te zijn bejegend op de velden.

Dat racisme in het profvoetbal voorkomt bleek uit eerder onderzoek van EenVandaag onder aanvoerders van Eerste en Eredivisieclubs. Zaterdag presenteren de KNVB en de overheid een plan om racisme in het voetbal te bestrijden. De maatregelen die tot nu toe bekend zijn, richten zich op misdragende supporters bij profwedstrijden. Dit onderzoek laat zien dat racisme ook regelmatig op het amateursportveld voorkomt.

'Ik ben hier geboren, maar 'kankerzwarte' ligt vast lekker in de mond'

De helft van de getinte spelers is op het veld zelf slachtoffer geworden van racisme. Bij één op de vijf (18 procent) gebeurde dat in de afgelopen maanden. "Ik word tijdens wedstrijden uitgemaakt voor 'kankerzwarte, rot op naar je land'. Ik ben halfbloed, en hier geboren, maar dat ligt blijkbaar lekker in de mond denk ik dan", zegt een amateurvoetballer in het onderzoek.

Ook toeschouwers langs de lijn, scheidsrechters en trainers zijn getuige van racisme op de amateurvelden. 49 procent uit die groep heeft wel eens dergelijke incidenten gezien. Een toeschouwer herinnert zich deze schrijnende ervaring: "Na een voetbalwedstrijd van mijn achtjarige kleinzoon, kwam hij met een Marokkaans teamgenootje die in tranen was naar me toe. Hij vertelde me dat een knulletje van de tegenpartij elke keer dat hij langsliep zachtjes maar toch goed hoorbaar had gesist: 'Jouw moeder is een hoer, vieze kankermarokkaan.'"

Niets doen tegen racisme, uit angst voor klappen

Wat gebeurt er als racistische uitingen worden gedaan? In heel veel gevallen niets, blijkt uit ditzelfde onderzoek. De helft van de getuigen van racisme (47 procent) zegt dat er niets is gedaan na het voorval. Onder spelers die zelf bejegend zijn is dit nog hoger: 54 procent.

Een gediscrimineerde ondervraagde: "Natuurlijk doet of zegt niemand hier meer iets van. Voor je het weet ben je zelf degene die de spot oploopt of erger, die de klappen opvangt." Als er iets tegen gedaan is doen zij dat vaak zelf. Een kwart van de ondervraagde gediscrimineerde voetballers (23 procent) zegt zelf iets terug te hebben gezegd.

Scheidsrechters en clubs grijpen nauwelijks in bij racisme

Op ingrijpen van de club of de KNVB hoeven zij niet te rekenen blijkt verder uit het onderzoek. Slechts 3 procent van de gediscrimineerden zegt dat de scheidsrechter optrad na het incident en maar bij 2 procent greep de vereniging in.

De helft van de amateurvoetballers en iedereen die daar wel eens bij betrokken is, vindt dat zijn vereniging genoeg doet om racisme tegen te gaan. 10 procent vindt van niet. Opvallend is de grote groep (42 procent) die niet weet wat zijn club doet. "Er wordt echt heel vaak gezegd: 'dat gebeurt bij ons niet, dus is er geen beleid voor gemaakt.'"

Kwart heeft zelf racistische opmerkingen gemaakt

22 procent van de ondervraagden geeft aan dat ze weleens racistische opmerkingen hebben gemaakt, bedoeld als grap. Een panellid bekent: "Bij een Marokkaans iemand die zich irritant gedroeg, heb ik wel eens gezegd: 'ach, daar kan die jongen ook niets aan doen, zo zijn ze allemaal.'"

Nog eens 5 procent geeft eerlijk toe in het heetst van de strijd weleens een racistische opmerking te hebben gemaakt om te beledigen. Een speler daarover: "Als je in de pubertijd te maken krijgt met agressieve multiculturele teams roep je als kind wel eens dingen die je niet zou mogen roepen." 64 procent zegt nooit iets racistisch te hebben gezegd op of rond de velden.

info

Over dit onderzoek

Aan het onderzoek deden 25.145 uit het EenVandaag Opiniepanel mee. Daarvan ondervroegen we 7.313 leden die op enige manier betrokken zijn bij het amateurvoetbal. Dit kan zijn als voetballer, toeschouwer, scheidsrechter of trainer. Ook vroegen we 435 mensen met een getinte of donkere huidskleur die betrokken zijn bij het amateurvoetbal naar hun ervaringen met racisme, waarvan 231 zelf voetballen. De resultaten van de totale steekproef zijn na weging representatief voor zes variabelen, namelijk leeftijd, geslacht, opleiding, burgerlijke staat, spreiding over het land en politieke voorkeur gemeten naar de Tweede Kamerverkiezingen van 2017. Het onderzoek werd gehouden tussen 27 januari en 7 februari.

Lees ook