radio LIVE tv LIVE
meer NPO start

Wat bedrijven als Microsoft terugdoen om de stroom en het water dat ze hier gebruiken te compenseren

Wat bedrijven als Microsoft terugdoen om de stroom en het water dat ze hier gebruiken te compenseren
Bron: EPA

Amerikaanse datareuzen in Nederland gebruiken veel groene stroom en water. Daar staat tegenover dat ze goed zijn voor lokale organisaties in de omgeving. Zo investeerde Microsoft in de ict-opleiding van het Horizon College in Hoorn.

In het ict-lokaal van mbo-school het Horizon College in het Noord-Hollandse Hoorn vind je een minidatacentrum. In plaats van de eindeloze rijen in een 'echt' datacentrum, staan er in het lokaal een paar kasten. Maar dat is genoeg om mee te oefenen. Studenten leren er hoe de processen in een datacenter werken, zodat ze daar na hun schooltijd aan de slag kunnen.

Aanvulling op onderwijs

Opleidingsmanager Patrick Colli is trots op de geavanceerde apparatuur waarover de school beschikt. "We zien het als aanvulling op ons onderwijs. Als mbo leiden we mensen op om aan de slag te gaan in de regio, bijvoorbeeld in het datacentrum van Microsoft. Het techbedrijf heeft een groot datacentrum in Wieringerwerf, vlakbij de school, en is van plan er nog een te bouwen.

De hardware van een minidatacentrum had de school nooit uit het reguliere onderwijsbudget kunnen betalen, zegt Colli. "Die wens vervullen had jaren geduurd als we het met eigen geld voor elkaar hadden moeten krijgen."

Bekijk ook

'Het mes snijdt aan twee kanten'

Alle apparatuur is betaald door Microsoft, dat ook technici levert. "We willen een goede buur zijn en iets terugdoen omdat we effect hebben op de omgeving", legt national technology officer Rob Elsinga van Microsoft uit.

Microsoft geeft toe dat deze investering doelbewust is. "Wij hebben hier veel aan, we zoeken namelijk eindeloos veel mensen; lokale mensen met specificaties. Dan helpt het als we een bijdrage leveren aan hun opleiding. Het mes snijdt aan twee kanten." Elsinga voegt toe dat zijn werkgever de omgeving op een maatschappelijke goede manier wil betrekken, door ook werkloze mensen via het UWV aan het werk te krijgen in het datacentrum.

Donatie voor imkers, ziekenhuis en muziekvereniging

Naast het Horizon College krijgen ook het Dijklander Ziekenhuis en verschillende lokale organisaties zoals de muziekvereniging steun van Microsoft. En die steun staat niet op zichzelf. Ook Google, dat datacentra heeft in de Eemshaven en in Hollands Kroon, heeft zogenoemde 'community funds'. De techreus doneerde aan mbo-opleidingen en steunde bijvoorbeeld een lokale bijenhouder.

Meta, het moederbedrijf van Facebook, beloofde de regio van Zeewolde te steunen als daar donderdag door de gemeenteraad over de bouw van het datacentrum wordt besloten. Dit houdt onder meer in dat er geld beschikbaar komt voor beter STEM-onderwijs en een reeks lokale projecten, zo laat een woordvoerder weten. "We bieden ook programma's voor studenten, kleine bedrijven, leden van de gemeenschap en anderen die hun horizon willen verbreden."

Bekijk ook

Besluitvorming beïnvloeden

Microsoft zegt sinds 2018 op deze manier 1,2 miljoen euro in de omgeving te hebben geïnvesteerd, maar volgens critici is dat een schijntje voor bedrijf dat onder meer volop profiteert van de goede Nederlandse infrastructuur en gesubsidieerde groene stroom.

"Dat is peanuts", zegt hoogleraar Bestuurskunde Michiel de Vries. "Het is typisch Amerikaans om aan filantropie te doen. Er is op zich niks op tegen, maar ik moet zien of het klopt. Het is ook een manier om de besluitvorming te beïnvloeden, met donaties kweek je goodwill."

'In feite word je omgekocht'

Ook SP-fractievoorzitter in Noord-Holland Remine Alberts is niet onder de indruk van de steun. "Je wordt omgekocht in feite, zand in de ogen gestrooid. Het is vreselijk dat je een enorme kapitalist laat betalen voor het onderwijs. Dat doe je als overheid door belastingen op te halen, maar als de bedrijven belasting zouden moeten betalen zoals het hoort, komen ze niet."

Alberts pleit voor een veel betere kosten-batenanalyse voordat het besluit wordt genomen over de komst van een datacentrum. "Ze krijgen allemaal voordeeltjes en dan moet je blij zijn met 100.000 euro, dan word je in de maling genomen."

Bekijk ook

'Geen windowwashing'

Microsoft ontkent niet dat de investeringen in lokale doelen ook goede pr zijn voor het bedrijf. "Er zit altijd een eigen belang is, maar we willen de community oprecht helpen. Het is een extra potje waar ze voordeel van hebben. Het is ook geen windowwashing. We doen het écht en zeggen het niet alleen." Daarnaast zegt het bedrijf ook te investeren in tal van andere technische innovaties in de omgeving.

Op het Horizon College profiteren ze in elk geval van deze vrijgevigheid en blijkt de aantrekkingskracht van het minidatacentrum groot. Er is dit jaar een extra klas begonnen en dat komt met het gebrek aan ict'ers goed uit. Volgens opleidingsmanager Colli betaalt Microsoft wel, maar bepaalt het bedrijf de inhoud van het onderwijs niet. "We hebben 220 studenten en die gaan echt niet allemaal bij Microsoft werken. We kunnen maar tien studenten per jaar voor het datacentrum opleiden. Met al die technieken die we aangeleverd krijgen, proberen we daarom iedereen te bedienen."

Bekijk hier de hele reportage

Vragen? Stel ze!

Heb je nog vragen of wil je reageren? Stuur ons dan hier een berichtje in onze chat. Elke donderdag vertellen we in de Doe mee-nieuwsbrief wat we met alle reacties doen. Wil je die in je mail? Meld je dan hier aan.

Waarom president Donald Trump importheffingen ondanks waarschuwingen van economen tóch doorvoert

President Donald Trump kondigde het gisteravond aan: Amerika gaat een importheffing van 20 procent op alle producten uit de Europese Unie doorvoeren. Wereldwijd waarschuwen economen dat dit een slecht idee is, vooral voor de VS zelf. Toch zet Trump door.

Vragen? Stel ze!

Heb je nog vragen of wil je reageren? Stuur ons dan hier een berichtje in onze chat. Elke donderdag vertellen we in de Doe mee-nieuwsbrief wat we met alle reacties doen. Wil je die in je mail? Meld je dan hier aan.

Onzekerheid bij Nederlandse ondernemers door Amerikaanse importheffingen: 'We begrijpen zijn visie, maar maakt het lastig voor ons'

Onzekerheid bij Nederlandse ondernemers door Amerikaanse importheffingen: 'We begrijpen zijn visie, maar maakt het lastig voor ons'
Willem Hulsebosch is eigenaar van een bloembollenbedrijf dat exporteert naar de VS
Bron: EenVandaag

Voor Nederlandse ondernemingen met veel export naar de Verenigde Staten breken spannende tijden aan. Door de extra belasting van 20 procent worden hun producten voor de Amerikaanse consument een stuk duurder. "Dit betekent heel veel onzekerheid."

"Dit valt wel rauw op ons dak", zegt Willem Hulsebosch. Samen met zijn vrouw en zoons runt hij al jaren een bloembollenbedrijf in Julianadorp.

Andere markten

"We doen al decennialang zaken met Amerika en hebben in de loop der jaren echt een goede band opgebouwd met onze klanten in de VS", gaat Hulsebosch verder. "Die willen we graag houden. Maar als het moet, dan gaan we ons op andere markten richten."

Want de familie beseft wel dat Amerikanen zullen afhaken als bloemen door de heffing te duur worden. "Tulpen zijn geen eerste levensbehoefte. Aan het eind van je rondje supermarkt staat er een bosje bloemen. Als dat ineens 20 procent duurder is, dan denk je wel twee keer na."

'We begrijpen zijn visie'

De familie Hulsebosch is flink verweven met de Verenigde Staten. "Onze moeder is Amerikaans, we hebben familie overzee en komen er vaak", vertelt zoon Roy.

"We houden van het land en zijn zelfs pro-Trumpers. Dat klinkt misschien tegenstrijdig, maar we begrijpen zijn visie wel. Hij maakt waar wat hij zegt. Dat vinden wij ergens ook wel bewonderenswaardig. Hij zet zijn volk op één, dat is duidelijk. Daar kunnen wij in Europa nog wat van leren. Alleen dit plan, dat maakt het voor ons wel lastig."

Bekijk ook

Niet volledig afhankelijk

Toch blijft Hulsebosch positief: "We zijn gelukkig niet volledig afhankelijk van Amerika. We exporteren ook naar Engeland, China, Rusland en Kazachstan. En we hebben een uniek product. Bollen kun je maar op één plek in de wereld telen, en dat is hier, in Nederland. Door het klimaat, de bodem, de omstandigheden. Dat kan niet zomaar ergens anders. Daar hebben ze ons gewoon voor nodig.

Er zijn dus genoeg opties. "Als de ene markt moeilijk doet, dan vinden wij onze weg wel via een andere. We hebben al vaker met onzekerheden te maken gehad. Als het even tegenzit, dan nemen we genoegen met wat minder marge en stellen we investeringen gewoon even uit."

'Kennis en ervaring zit in Nederland'

"Trump ziet ons het liefst naar Amerika vertrekken", legt directeur van TTA-ISO Martin Maasland uit. Het Nederlandse bedrijf maakt landbouwmachines en heeft een grote afzetmarkt in de Verenigde Staten.

TTA-ISO heeft zelfs een kantoor in de VS zitten. "Maar de kennis en ervaring op het gebied van high-techsystemen in de tuinbouw zit hier in Nederland. Die gekwalificeerde mensen kun je niet oppakken en in Amerika neerzetten."

Bekijk ook

Prijs verlagen

Bang voor Amerikaanse concurrenten is Maasland niet. "In ons geval zijn er weinig of eigenlijk geen partijen in de Verenigde Staten die hetzelfde kunnen bieden als wij. We zien onszelf daardoor niet genoodzaakt om de winstgevendheid op onze machines te verlagen."

Maar als de prijs vanwege de invoerheffingen te hoog wordt, dan bestaat er volgens Maasland wel een kans dat de markt afneemt of zelfs helemaal stilvalt. "Dan kunnen we overwegen of we bereid zijn iets van onze marges op te geven, maar we moeten ook de salarissen van onze medewerkers kunnen betalen."

Tegenactie

Over eventuele eigen tarieven die de EU als tegenactie kan invoeren, maakt Maasland zich geen zorgen. "De grootste impact zijn uiteindelijk toch de hoge tarieven van Amerika richting Europa, omdat wij in Europa produceren."

"En andersom importeren wij weinig vanuit Amerika", gaat hij verder. "Dus als Europa hoge handelstarieven gaat invoeren, verwachten wij niet dat dat veel impact op ons heeft."

Bekijk ook

Minder groei maar geen crisis

Hoofdeconomoom van de ING Marieke Blom begrijpt de zorgen van Nederlandse ondernemers die veel exporteren naar de Verenigde Staten. "Door Trumps nieuwe invoertarieven, gemiddeld 25 procent, en zelfs 54 procent voor China krijgt ook de Europese Unie een tarief van 20 procent opgelegd. Dat leidt naar verwachting tot een exportdaling van zo'n 15 procent richting de VS. Voor Nederland betekent dat een krimp van ongeveer 0,2 procent van het BBP."

Toch is dit volgens Blom geen nieuwe economische crisis in wording. "Dit is niet te vergelijken met corona of de energiecrisis. Het is vooral een rem op de groei."

Niet terugslaan met eigen tarief

Blom verwacht dat Europa met eigen tarieven zal reageren. "Maar hoe dat uitpakt is onduidelijk, omdat we niet zeker weten hoe Trump reageert. Een handelsoorlog moeten we zien te voorkomen."

"We kunnen beter gerichte steun bieden aan getroffen sectoren. Ook kan er veel winst worden geboekt door de interne markt beter te laten werken. En er liggen veel kansen in het versterken van handelsrelaties met landen als India en Zuid-Amerika. Als we dit moment grijpen, kan Europa uiteindelijk sterker en minder afhankelijk van de VS worden. Ook voor Nederland liggen hier echte kansen."

Onzekerheid bij Nederlandse ondernemers door Amerikaanse importheffingen

Vragen? Stel ze!

Heb je nog vragen of wil je reageren? Stuur ons dan hier een berichtje in onze chat. Elke donderdag vertellen we in de Doe mee-nieuwsbrief wat we met alle reacties doen. Wil je die in je mail? Meld je dan hier aan.

Ook interessant