Tientallen miljoenen coronasubsidie, bedoeld om leerachterstanden bij middelbare scholieren weg te werken, is terechtgekomen bij commercieel onderwijs. Dat blijkt uit onderzoek van platform Investico voor Trouw, EenVandaag en de Groene Amsterdammer.

Vorig jaar keerde de overheid ruim 90 miljoen euro uit aan middelbare scholen om hun leerlingen extra te helpen. "Heel fijn dat er vanuit Den Haag een cadeau kwam om onze leerlingen die dat nodig hebben wat extra ondersteuning te geven. Zowel om hogere cijfers te krijgen, als om zich beter te voelen", vertelt schoolleider Ezra Meijer van het Scala College in Alphen aan den Rijn.

Tientallen miljoenen naar externe bedrijven

De subsidie die de middelbare scholen het afgelopen jaar kregen, was vrij te besteden. Reden voor het platform voor onderzoeksjournalistiek Investico om uit te zoeken waar scholen dat geld aan uitgaven. Vooral omdat de subsidie een voorproefje is van de 8,5 miljard die onderwijsminister Slob dit jaar heeft vrijgemaakt voor alle onderwijsvormen, om de komende 2,5 jaar uit te geven.

Uit de enquête die Investico hield onder schoolleiders van middelbare scholen, blijkt dat de meeste schoolleiders gemiddeld de helft van het subsidiebedrag uitgaven aan de inkoop van bijles, huiswerkbegeleiding en examentraining door private partijen. Het gaat dus om tientallen miljoenen. Een ontwikkeling die tegen de wens ingaat van onderwijsminister Slob, die de commerciële partijen liever op afstand houdt. Slechts een derde van de respondenten gaf geen subsidiegeld uit aan externe bedrijven.

Wissel getrokken op collega's

Schoolleiders zijn blij met het geld, maar geven in de enquête aan zich ook ongemakkelijk te voelen bij het uitbesteden van taken die ze voorheen zelf vervulden. Meijer: "Ik ervaar enorme schroom als het gaat om externe partners. Een heleboel van wat zij doen moeten we gewoon zelf kunnen doen."

"Maar deze situatie heeft ook een wissel getrokken op mijn collega's. Ik kan niet verwachten dat ze ook alle achterstanden op onze school voor hun rekening nemen", zegt Meijer.

Tweedeling voorkomen

Schoolleider Merijn Sprenger van het Trinitas Gymnasium in Almere zegt: "Het was het afgelopen jaar continu crisismanagement. Het was erg nodig en hartstikke mooi dat we geld kregen zonder dat er daarvoor aan de voorkant te veel eisen aan werden gesteld."

"We zagen een tweedeling ontstaan van kinderen met ouders die geld hebben om extra ondersteuning te bieden, en kinderen die dat niet hadden. Dan is het prettig om vanuit school die extra hulp aan te bieden. En zijn het niet meer alleen de rijke kinderen die extra kansen krijgen." Meijer herkent dit in zijn school: "Zonder dit geld zouden de verschillen alleen maar groter worden."

Om leerachterstanden door corona bij leerlingen weg te werken heeft het kabinet miljarden vrijgemaakt. Veel schoolleiders maken met dit geld onder andere gebruik van commerciële bureaus.

Ontplofte mailbox

De externe bijlesbureaus en examentrainers proberen een steeds grotere voet tussen de deur te krijgen bij de scholen. "Toen de subsidieregeling bekend werd, ontplofte mijn mailbox van mailtjes van bedrijven die iets aan te bieden hebben", zegt Meijer.

Voor de aankomende subsidie wil hij een 'tender' opzetten. De school geeft aan wat er nodig is en vragen de partijen daarop te reageren. "Je moet wel zorgen dat er een programma is dat aansluit bij wat je denkt dat belangrijk is."

'2,5 jaar is te kort'

Schoolleiders geven in de enquête aan dat ze, omdat de subsidie meteen moet worden uitgegeven, binnen 2,5 jaar, er vaak niet aan ontkomen om het uit te geven aan externe partijen. Er is ten eerste een lerarentekort en ten tweede kun je ook niemand aan je binden met de boodschap dat het maar tijdelijk is.

Sprenger vindt het slecht dat het geld in 2,5 jaar gebruikt moet worden: "Iedereen weet dat leertrajecten langer duren. Ik probeer in elk geval mijn eigen leerkrachten te voorzien van bijlessen waardoor we dus blijvend profiteren en het geld duurzamer wordt ingezet."

Lees ook

Regulier onderwijs zou bijles overbodig moeten maken

Externe onderwijsinstellingen in het reguliere onderwijs zijn er al langer. Hoewel schoolleiders er vaak met volle tevredenheid gebruik van maken zijn er ook zorgen: "Door nu een stuk van ons onderwijs aan private partijen uit te besteden denk ik dat je als school het risico loopt dat je lui wordt. Je besteedt je eigen slagkracht uit om je onderwijs te verbeteren", zegt Sprenger.

"Het gaat er in toenemende mate om wat je ouders je mee kunnen geven en dan met name in geld. Ik denk dat dat een weg is die we niet op moeten willen", vindt Sprenger. "Je moet als school je onderwijs zo vorm geven dat extern onderwijs niet meer nodig is. Laat de basis van het onderwijs zo goed zijn dat het voor de meeste leerlingen voldoende is om hun diploma te halen op het niveau waarop zij kunnen presteren." Sprenger wil voor die verbetering liever niet afhankelijk zijn van private partijen.

Schaduwonderwijs neemt toe

Louise Elffers is directeur van het Kenniscentrum Ongelijkheid en onderzoekt de inrichting van het Nederlandse onderwijsstelsel. Ze kijkt niet op van de uitslag van het onderzoek van Investico: "We zien al jaren dat de rol van externe bedrijven, het schaduwonderwijs, toeneemt", zegt ze.

"Corona heeft dat verscherpt in beeld gebracht. Het is een extra aanleiding om goed na te denken over hoe wenselijk we dit vinden. Hoe kunnen we ervoor zorgen dat taken die bij het regulier onderwijs horen, waar alle leerlingen toegang toe hebben, gewoon bij de school blijven liggen en er voldoende middelen en menskracht is om die taken te vervullen?"

'Begrijpelijke ontwikkeling'

Elffers vindt het te makkelijk om te zeggen dat de inhuur van externe partijen slecht is en noemt het in deze coronacrisis een begrijpelijke ontwikkeling. "Maar voor de lange termijn is het zorgelijk. Want dat betekent dat je steeds meer taken neerlegt bij private partijen binnen dat publiek bekostigde onderwijs."

Ze waarschuwt dat als scholen en ouders te veel op de bijlessen gaan leunen het heel moeilijk is om terug te draaien. "Ik zeg wel eens: als het duveltje uit het doosje is, krijg je het heel moeilijk terug."

Lees ook

Onderwijsminister Slob laat onderzoek uitvoeren

In een reactie op de uitslagen van het onderzoek zegt onderwijsminister Slob dat hij er begrip voor heeft dat scholen het afgelopen jaar de samenwerking met private partijen hebben opgezocht: "Het was een manier om leerlingen maximaal te ondersteunen met de mogelijkheden die scholen op dat moment voorhanden hadden."

Hij wijst er wel op dat bij de uitgave van de aankomende subsidie van 8,5 miljard scholen ernaar moeten streven om de inzet van externe partijen te beperken. Slob: "Komend schooljaar laten we een onderzoek uitvoeren naar het gebruik van aanvullend onderwijs. [...] Mede op basis van de uitkomsten zullen we vervolgstappen bepalen om ongewenste effecten van aanvullend onderwijs tegen te gaan."