Afgelopen weekend reed Ireen Wüst een dappere wedstrijdenreeks bij de WK in Berlijn. Dapper? Jazeker. Ze moest (weer) buigen voor de grotere inhoud van tegenstreefster Martina Sablikova en deed dat op zeer acceptabele wijze. Ik bedoel: je kan verliezen en verliezen.

Wüst verloor op een reine, gezonde manier. Ze zag dat ze tekort kwam en berustte. Dat er een slopende vijf kilometer aan te pas moest komen, kon bijna iedere schaatsvolger aan het begin van het toernooi je vertellen. Iedere Wüst-Sablikova ontmoeting op die afstand kan je bijna voorspellen. Dat geeft de Tsjechische steeds een beter gevoel dan de Brabantse.

Toch.

Wüst zal het seizoen 2015/16, als ze later in haar plakboeken zit te bladeren, definiëren als een niet bijster goede exercitie. Waarom? Omdat ze een bedenkelijke start meemaakte. Vallen, achterstand, twijfel, nog een val, nog meer twijfel en dat voor de vrouw die in 2014, dus twee jaar geleden, als een bijna ongekroonde Koningin Olympisch Sotchi verliet.

Ze koos voor nog een Olympiade (= de tijd tussen twee Spelen) en wist welke kwellingen er na die keuze voor haar klaar lagen.

Ze moest in naolympische jaren op niveau blijven rijden, ze moest een (goede) sponsor zien te vinden, ze moest (omdat ze dat altijd wil) blijven winnen en ze wist ook dat er een jaargetijde in de sport bestaat die “herfst” heet. Wüst nadert haar herfst en hoewel ze dat idee zo lang mogelijk van zich wil wegduwen, kan ze niet ontkennen dat die ellendige “herfst” nadert.

In de herfst vallen bladeren…

Neen, ze wuift het idee zelfs weg dat ze in kracht afneemt. Ze reed verdorie in Berlijn een dijk van een 1500 meter, ze was blij en trots op haar eigen presteren en daar had ze ook reden toe.

Toch.

Als het op het rijden van de 5 kilometer aankomt (en dat blijft de afsluiting van een allround toernooi) weet Wüst dat het spillebenerige afstandsmens uit Tsjechië haar inpakt. Hoe goed ze zich ook voelt, dat maakt niets uit: Sablikova heeft wonderlijke krachten in haar spichtige lijfje en die krachten maken haar ongenaakbaar in welke confrontatie met Wüst dan ook.

Nu vluchtte ze heel even in een gedachte dat het toernooi iets later had moeten liggen in de kalender omdat ze dan meer aan “snelheid” had kunnen inhalen, maar feit was dat Wüst, hoe goed en ontspannen ze was (of was dat schijn?) en reed, met boter en suiker ingemaakt werd.

Comme ‘l habitude, denk je daar dan bij: zoals gewoonlijk. Sablikova kan op de lange afstand nou eenmaal meer dan welke andere schaatsende vrouw dan ook. Wüst was eigenlijk nog wel tevreden met de acht seconden achterstand. Ze was blij met haar rijden, met haar plaats en met haar “zijn”.

Ze gaat met enig vertrouwen de toekomst in; er komen weer Olympische Spelen aan en volgend seizoen is het al weer een pré-Olympisch jaar en worden de schroefjes al weer aangedraaid.

En ja, ze was nu de nummer twee van de wereld. Van haar laatste tien wedstrijden tegen Sablikova op de 5 kilometer had ze er negen verloren. Die ene winst lag in een schuiver van haar tegenstandster.

Dit was voor Wüst het hoogst haalbare. Wellicht dat een vroege herfstwind voelbaar was op enig moment van dit seizoen en dat ze die wind kon keren. Ze weet dat ze hard, ellendig hard moet gaan werken om in de komende seizoenen aan de top te kunnen blijven. Is ze een allroundster? Moet ze zich Olympisch op de haar favoriete afstanden gaan richten? Snelheid, diepte, kracht, ontspanning. Het leven van een topsporter.

Hoe gaat ze met haar vak om?

Ze is professional en een verrekt goede. Haar vak: winnares. Da’s een enorm moeilijk vak dat lang niet voor iedereen is weggelegd. Je bent verstandig bezig als je, twee minuten nadat je gefinisht bent op de verloren 5 kilometer, tegen de interviewer zegt dat je respect hebt voor je eigen trainer omdat hij dit jaar toch te maken heeft gehad met “niet de allerleukste Wüst”. En ze meende het, want gevoel voor realiteit, heeft ze zeer zeker.

En zij kent de “niet allerleukste Wüst”, zij kent dat mens als de beste, nietwaar?

Zilver moet je poetsen, weten we allen. Dat hebben we geleerd van onze oma en moeder. Ook en zeker in de herfst, ook al is het een vroege herfst: zilver moet je onderhouden door het te poetsen. Tot het glanst.

Het sportieve leven van Ireen Wüst was al een droom, nu wordt het nog een zeer, zeer interessant bestaan. Hoe gaat ze haar thuiskomst inkleuren?