De verdachte van de moord op de 9-jarige Gino bleek al eerder veroordeeld te zijn voor het seksueel misbruiken van een jongetje. Deskundigen schatten de kans op herhaling toen in als 'matig'. Hoe ging het opnieuw fout? "100 procent voorspellen kan niet."

In Nederland zijn er zo'n 400 jeugdzedendelicten per jaar, zegt emeritus hoogleraar forensische psychiatrie Jan Hendriks. Hoewel slachtoffers het anders ervaren, gaat het meestal om 'lichte delicten' en slechts een enkele keer om 'ernstige delicten'. Maar het uitgangspunt is: als een dader wordt opgepakt en veroordeeld, is de kans op herhaling klein.

'Geen goede instrumenten om te onderzoeken'

"Het gaat maar om enkele procenten, die in herhaling vallen", zegt Hendriks. "Jongens plegen een delict en meestal stoppen ze dan gewoon. Slechts enkelen gaan er mee door. " Maar die enkelingen er vooraf uit pikken is erg lastig, zegt de hoogleraar, omdat we niet weten aan welke kenmerken je ze kunt herkennen.

"Dan heb je eigenlijk een hele grote groep jongens nodig die in herhaling valt. En die groep moet je dan vergelijken met een hele grote groep zedenplegers die dat niet doet", zegt hij. "Maar omdat er maar zo weinig jongens in herhaling vallen, kunnen we die vergelijking niet maken. We hebben dus eigenlijk geen goede instrumenten om dit te onderzoeken."

Bekijk ook

Risicofactoren

De deskundigen spelen een grote rol in dit soort rechtszaken. Zij geven een voorspelling, een 'risicotaxatie', waar rechters veelal op varen. In de praktijk zijn het dus vooral de deskundigen die aangeven of de kans op herhaling laag, matig of hoog is, en welk behandelingstraject de rechter moet opleggen. Hendriks legt uit dat ze tot dat oordeel komen door de verdachte te observeren en met hem of haar te praten.

"Je spreekt ook ouders, vrienden en mensen om hem heen. Ook lees je het dossier van eerdere behandelaars en justitie. En je kijkt naar de risicofactoren, zoals of hij eerder soortgelijke delicten gepleegd, of hij mishandeld is en misbruikt als kind? Of is hij wellicht hyperseksueel en heeft hij anti-sociale gedachten zoals 'ik heb recht op seks en maakt niet uit of een ander dat ook wil'?"

Vaak te hoog ingeschat

Het oordeel geven is veel lastiger dan mensen denken, zegt Hendriks. Want dan komt de vraag: welk gewicht geef je dan aan die verschillende risicofactoren? En dat verschilt van geval tot geval.

"We weten dus dat de kans op herhaling vrij klein is bij seksuele delicten. Dan ben je in de praktijk dus al snel bezig met het overschatten van dat risico. We hebben daar onderzoek naar gedaan, en toen bleek dat de kans op risico vier tot vijf keer overschat wordt. Het is dus ook wel gebeurd dat jonge zedenplegers ten onrechte in jeugd-TBS zijn geplaatst."

Bekijk ook

'We zullen er regelmatig naast blijven zitten'

In de eerdere rechtszaak tegen Donny M. verklaarden de deskundigen juist dat de kans op herhaling matig was. Nu blijkt dat die inschatting wellicht voorbarig is geweest. Volgens Hendriks is dat niet zo verbazingwekkend, omdat de deskundigen nooit 100 procent kunnen voorspellen of iemand weer de fout in gaat of niet.

"Dat is bij geen enkel delict mogelijk en zeker niet bij een zedendelict. Die risicotaxatie is dus zeker niet perfect, maar het is wel het beste instrument dat we nu hebben. We moeten dus accepteren dat we gedrag in de toekomst niet voldoende kunnen voorspellen."

Zelf verkeerd ingeschat

Ook Hendriks heeft zelf wel eens de verkeerde risicotaxatie gemaakt. En dat was een pijnlijke kwestie. Maar, zo benadrukt Hendriks, kan dat dus iedere deskundige, psychiater of psycholoog overkomen. Het roept dan ook de vraag op of er niet veel gewicht wordt toegekend aan het oordeel van de deskundigen in een rechtszaak.

"Rechters weten echt wel hoe lastig die voorspellingen zijn, maar we hebben niks beters. We zullen het hiermee moeten doen. Dat betekent dat er ook slachtoffers zullen blijven vallen, ook nog over 100 jaar. Want 100 procent voorspellen kan nou eenmaal niet. Wij moeten als samenleving accepteren dat er dingen gebeuren die we niet willen."

Bekijk ook

Terug de maatschappij in

Waarom kon Donny M., die eerder een kind van 10 jaar seksueel had misbruikt, na een paar jaar weer vrij rondlopen? M. kreeg destijds een celstraf van 5 maanden, een klinische behandeling en daarna begeleiding van jeugdreclassering opgelegd.

"We weten dat de kwaliteit van de behandeling in Nederland goed is, misschien wel de beste van de wereld. We moeten toch streven naar terugkeer in de maatschappij. Ze moeten worden begeleid naar terugkeer en ook een nieuwe kans krijgen. Je kunt ze niet levenslang opsluiten", zegt Hendriks.

Personeelstekorten

Afgelopen week werd bekend dat vier rijksinspecties een onderzoek starten. Daar wordt gekeken in hoeverre Donny M. de juiste begeleiding, ondersteuning en zorg heeft gehad. Hendriks is zelf niet betrokken bij de zaak, maar wil wel benoemen dat Nederland internationaal bekend staat om 'uitstekende hulp'.

"Maar ook deze sector heeft te maken met dezelfde problemen waar andere instellingen ook mee kampen. Denk aan tekorten en veelvuldige wisselingen van personeel, die het moeilijk maken om het maximale uit de behandeling te halen."

Bekijk hier de reportage