Een op de vijf boeren is weleens benaderd door drugscriminelen die zoeken naar een leegstaande stal. Twee derde weet van drugscriminaliteit in de buurt. Dat blijkt uit een onderzoek onder bijna 700 agrariërs. "Het probleem wordt alleen maar groter."

Het onderzoek werd uitgevoerd in opdracht van het zogeheten Aanjaagteam Ondermijning (ATO) en de Zuidelijke Land- en Tuinbouworganisatie (ZLTO) en vond plaats in het zuiden van Nederland. Voor het eerst zijn drugscriminaliteit en de effecten ervan op boeren en tuinders op deze schaal onderzocht.

Verschil Brabant en Zeeland

De verschillen tussen regio's in het zuiden van het land zijn groot: in West- en Midden-Brabant is 22 procent van de boeren weleens benaderd door criminelen. In Zeeland is dat slechts 7 procent. De meest gehoorde vraag: of ze een schuur of terrein mochten gebruiken voor praktijken als hennepkweek. Gemiddeld weet tweederde van de boeren en tuinders dat gebouwen in buurt gebruikt zijn door criminelen, blijkt ook uit het onderzoek. In West-Brabant geldt dat voor maar liefst voor 80 procent.

Criminelen benaderen vooral agrariërs die kampen met leegstand of financiële problemen. In veruit de meeste gevallen worden hennepkwekerijen, cocaïnewasserijen of crystal meth-labs namelijk niet gevonden in de schuren van actieve en vitale boerenbedrijven.

Fingerspitzengefühl

De criminelen die boeren benaderen, hebben volgens de experts die meewerkten aan het rapport een fingerspitzengefühl voor welke agrariërs potentieel openstaan voor hun voorstel. 'Alsof ze op de parkplaats van de bank staan en het direct zien als een boer met een sip gezicht naar buiten komt', zegt een medewerker van het Platform Veilig Ondernemen (PVO) in het rapport.

Deze mensen lijken te weten welke boeren en tuinders het financieel moeilijk hebben en waar agrarische bedrijfsgebouwen leegstaan. Ze analyseren openbare rechtbankverslagen om te achterhalen welke boeren zijn veroordeeld en bezoeken websites met executieverkopen, Funda en Marktplaats.

Lees ook

Leegstand neemt toe

Het huidige kabinet riep het Aanjaagteam Ondermijning in 2018 in het leven, om lokale initiatieven tegen ondermijning bijeen te brengen. Er is sprake van ondermijning wanneer criminelen - de onderwereld - de bovenwereld gebruiken voor bijvoorbeeld de productie van drugs of witwassen.

AOT-voorzitter en oud-burgemeester van Tilburg Peter Noordanus, vindt de uitkomsten van het onderzoek zorgwekkend. "Het probleem wordt alleen maar groter. Nu al wordt 1 op de 5 boeren benaderd door criminelen met de vraag of ze een schuur hebben, terwijl de leegstand van schuren gigantisch gaat toenemen de komende jaren." De schatting is dat er op dit moment zo'n 10 miljoen vierkante meter agrarische bebouwing leegstaat en dat kan volgens makelaarsvereniging NVM oplopen tot 25 miljoen vin 2030.

Boer Adri Bossers verhuurde een huisje op zijn erf aan een gescheiden man. Na een paar maanden bleek die daar een wietplantage in te hebben aangelegd. Net als boer Adri krijgen veel meer boeren te maken met drugscriminaliteit. "Het is angstaanjagend."

Meer politie in het buitengebied

Opvallend is dat 31 procent van de ondervraagde boeren en tuinders aangeeft geen melding te doen als ze vermoeden dat er op een agrarisch terrein in de buurt drugs geproduceerd, opgeslagen of gedumpt wordt. Ze zijn bang voor wraakacties van criminelen of twijfelen of hun anonimiteit wordt gewaarborgd.

Een andere reden, is volgens bestuurder Hendrik Hoeksema van boerenorganisatie ZLTO, dat de politie er niet altijd voor agrariërs is. "Diefstal van dure GPS-systemen is een probleem onder boeren. Als de politie niet helpt zo'n diefstal op te lossen, denk je al snel, 'waarom ik zou de politie dan wel helpen?'" Hij pleit dan ook voor meer politie en handhavers in het buitengebied, die zijn er door bezuinigingen steeds minder te vinden. Het gevolg is dat boeren en tuinders niet meer op een laagdrempelige manier in contact met bijvoorbeeld wijkagenten om hun vermoedens te melden.

'Slopen moet'

Andere oplossingen voor het probleem zijn om leegstaande gebouwen snel een nieuwe bestemming met een agrarische functie te geven, en opkoop- en sloopregelingen.

Noordanus: "Die laatste is dominant, er moet gesloopt worden. Je kunt niet alles herbestemmen tot manege of zorgboerderij. Daar hebben we er niet zoveel van nodig." Herbestemming kan daarbij 5 tot 8 jaar duren, voegt Hoeksema toe.

'Meeste boeren zeggen nee'

In tegenstelling tot Noordanus is Hoeksema overwegend positief over de uitkomsten van het onderzoek. "De meeste boeren zeggen 'nee' tegen drugscriminelen die hen benaderen, blijkt uit dit rapport. Daaruit blijkt dat ze heel weerbaar zijn." Hoeksema hoopt dat hiermee het beeld dat boeren drugcriminaliteit regelmatig faciliteren wordt ontkracht. Cijfers over het aantal boeren en tuinders dat drugscriminaliteit faciliteert of er een actieve rol in speelt, zijn nauwelijks beschikbaar. Toch wordt hier regelmatig over gespeculeerd in de media en worden er zelfs televisieseries aan gewijd als Hollands Hoop en Undercover.

Hoewel er veel productielocaties voor hennep en synthetische drugs worden gevonden in het buitengebied, verschillen de locaties en mensen die erbij betrokken zijn zoveel van elkaar dat het lastig is patronen te vinden. "Het onderzoeksbureau heeft maar twee zaken kunnen aandragen waarbij werd bewezen dat de boeren echt meededen met criminelen." Het is niet zo dat ondermijning bij boeren niet voorkomt, zegt hij, "maar de hoeveelheid aandacht die het thema krijgt staat niet in verhouding met hoe vaak het werkelijk gebeurt."

Lees ook

Bekijk hier de tv-reportage over dit onderwerp.