AVROTROS

De meiden van halal uit Qom

Vier muren met sjieke tapijten, veel vers fruit en luxe barokke meubels. Dat is de setting voor het gesprek met Fatima (studente filosofie), Boshra (docent Engels en student Koran en Hadith studies) en Maryam (student Cultuurstudies) alias de 'Meiden van Halal'. Hoogopgeleide vrouwen die een bewuste keuze maken: voor een democratie, maar met Allah als hoogste autoriteit.

A day in Qom - Iran from tour nalist on Vimeo.

Fatima is er dus helder over: 'Sommige mensen denken dat we geen democratie hebben, maar een theocratie, vooral in het Westen wordt dat gedacht. De waarheid is dat we geen van beide hebben, maar iets er tussenin.'

Dat is niet voor iedereen even helder. Het Iraanse politieke systeem dient sinds de Revolutie (1979) twee heren: demos en theos. Het volk èn god. Dat levert de nodige spanningen op. 'We hebben geen revolutie gehad om hier de democratie te vestigen', zei Ahmadinejad tijdens zijn campagne in 2005. Toch moest hij door het volk verkozen worden om aan de macht te komen. Hij dankte zijn overwinning zelfs aan de publieke opinie die het thema economie belangrijker was gaan vinden dan hervormingen.

Democratie en theocratie kunnen samen gaan omdat Iran al de nodige ervaring heeft met de democratie, denkt Vali Nasr, een invloedrijk Iraans-Amerikaans politicoloog. Hij stelt dat Iran een democratisch ethos heeft dat haar onderscheidt van veel landen in het Midden-Oosten. 'Hoewel de Iraanse politiek niet noodzakelijk de democratische waarden weerspiegelt, is de Iraanse samenleving al een eind op weg door het democratische ethos op grassroots level te omarmen. Men probeert door civil society activisme en verkiezingen de sociale en politieke doelen te verwezenlijken. Deze democratische houding in de samenleving kan democratie beter waarborgen dan veranderingen van bovenaf.'

Dat klinkt optimistisch. Ondertussen stapelen de teleurstellingen – Khatami zou hervorming brengen, dat mislukte. Ahmadinejad zou economisch herstel brengen, dat mislukte ook – zich op en concentreert zich telkens meer macht rond de opperste leider.

Boshra ontkent dat tegenwoordig de theocratische elementen te nadrukkelijk aanwezig zijn of dat de stem van het volk te weinig wordt gehoord.' We hebben sinds de Revolutie vrijwel ieder jaar een verkiezing gehad. Hoe democratisch wil je het hebben? En dat de Opperste leider veel macht heeft, dat klopt. Maar die wordt gekozen door een raad van experts die op hun beurt door het volk verkozen wordt.'

Bovendien, zo voegt ze later toe: 'Mensen worden het nooit eens. Daarom zoeken we hulp bij een hoger wezen. God weet het beste wat Iran nodig heeft. Daarom kiezen we als volk de leider die de meeste kennis heeft van God.'

Toch beamen ook zij dat wie stemt, vooral de overheid legitimeert. Voor hen is dat een belangrijke reden om te gaan stemmen. In 2005 was het voor de Reformisten juist de reden om de verkiezingen te boycotten. Nu hebben ze besloten de kleine marges toch aan te grijpen. Vrijdag zal blijken hoe het volk die marge gaat gebruiken.

Voor een uitgebreide analyse van de verhouding tussen theocratie en democratie: zie het artikel dat Karel Smouter en Ludo Hekman afgelopen weekend in De Groene Amsterdammer publiceerden.