AVROTROS

De chaos rond het rode potlood

In Irak ging de afgelopen week 62 procent van het volk naar de stembus om een nieuw parlement te kiezen. 62 procent, terwijl het in Baghdad raketten en mortieren regende om de stembusgang te frustreren. In Nederland regende het hooguit zonnestralen. Het was een prachtige verkiezingsdag. Niets belette ons om in vrijheid te stemmen. Slechts 56 procent nam de moeite om een volksvertegenwoordiging te kiezen.

"Ze gaan toch hun eigen gang", "wat stelt mijn stem nou voor", "ik ben teleurgesteld in de politiek" of "ik heb geen zin". Het is slechts een greep van de reacties die ik kreeg van mensen toen ik hen vroeg waarom ze niet hadden gestemd. In een vlaag van emotie schreef ik op Twitter dat 56 procent de moeite had genomen om te stemmen en dat de andere 44 procent een schop onder z'n kont moet krijgen. AT5 maakte dankbaar gebruik van deze quote door deze tijdens de verkiezingsavond op TV voor te lezen.

Het is inmiddels een week later en ik vraag me nu hardop af of ik die 44 procent niet-stemmers wel onder het kopje"lui potentieel electoraat zonder enig democratisch besef' mag schuiven. Het is misschien zelfs te makkelijk om te stellen dat niet de terrorist in het buitenland het grootste gevaar is voor Nederland, maar juist de kiezer die het belang van een democratisch systeem niet meer inziet. Hoe moeten we dat aan die arme bevolking in Uruzgan uitleggen, die onder Westerse druk met gevaar voor eigen leven bij een stembureau een nieuw parlement kiest? Waar staan wij voor?

Sinds deze week kan ik niet langer de kiezer verantwoordelijk stellen voor die dramatische verkiezingsopkomst. De aanhang van de PVV, die nu nog meer reden heeft om op 9 juni weer op de partij te stemmen, zal zich bijvoorbeeld niet serieus genomen voelen nu de PvdA landelijk en lokaal in Den Haag en Almere weigert om (college)onderhandelingen met de partij te voeren. Partijen uitsluiten in een democratisch proces betekent voor hen net zoveel als tienduizenden stemmers niet serieus nemen.

Dan is er het onderzoek van het Openbaar Ministerie in Rotterdam naar de vermeende verwerving van stembiljetten door Leefbaar Rotterdam. Dat hoort toch niet in een keurig land als Nederland? Als politicus blijf je van de kiezersstem af, je hecht ze louter door standpunten, gevoerde politiek en de verkiezingscampagne.

Of die Kabulse taferelen bij de stembureaus van Rotterdam, vastgelegd door een documentairemaker. Komt dit door het rode potlood? Natuurlijk niet. Stemmen met het rode potlood doen we al langer dan we op stemcomputers deden. Met het potlood zijn vrijwel nooit problemen geweest. Een leek kan vaststellen dat met name de allochtone kiezer moeite heeft gehad met de stemreglementen. Beter toezicht en uitleg, desnoods wél in de verschillende talen, kan een soepelere stembusgang helpen.

Al met al doen de gemeenteraadsverkiezingen van dit jaar het vertrouwen van de kiezer niet veel goed. En dan heb ik het nog niet eens gehad over de landelijke thema's die debat in, debat uit de lokale problemen overschaduwd hebben. Ik kan mij de "ze gaan toch hun eigen gang", "wat stelt mijn stem nou voor", "ik ben teleurgesteld in de politiek" of "ik heb geen zin" nu zelfs goed voorstellen. Laat de verkiezingen van 9 juni in godsnaam ordentelijk verlopen. Aan de kiezer zal het niet liggen.