Het nieuws van vandaag: ‘Joe de Plumber’ – de nieuwe mascotte van de republikeinen blijkt het zelf niet altijd even nauw te nemen met de belastingen, zeggen linkse bloggers. De Washington Post geeft het advies om op Obama te stemmen.

Obama en McCain maken grappen over elkaar en zichzelf op een diner in New York en Obama stijgt verder in de peilingen.

Maar over 18 dagen –laten we daar vanuit gaan- is iedereen Joe vergeten, zijn de peilingen verleden tijd en hebben we alleen nog te maken met de nieuwe realiteit: president McCain of president Obama.

Vandaar dat ik me heb verdiept in de stijgende waarde van de dag van vandaag: politieke campagne buttons en posters. Niet omdat ik het nieuws zat ben, integendeel, maar omdat deze geschiedenis zich in mijn hotelgang heeft geposteerd: speurende oudere heren die zich de American Political Item Collectors noemen. Ze verzamelen het politieke campagne verleden.

Geinig volkje die verzamelaars. “Obama is going to be a collectable”, verzekeren ze me. En deze mannen kunnen het weten. Dave Russell bijvoorbeeld, hij heeft net nog een Carter button(tje) verkocht voor 600 dollar. Je moet investeren in Obama, adviseert hij. Mede-verzamelaar Trent is het daar niet mee eens. Een echte verzamelaar is eigenwijs: “Ze dachten in 1945 ook dat Truman ging verliezen. Toen zijn er heel weinig buttons gemaakt. Die zijn nu goud waard.” Hij legt het af tegen het hoongelach van de anderen.

Marc –de zelfbenoemde eigenaar van de grootste verzameling democratische prullaria in het land- heeft bijvoorbeeld al 1900 verschillende Obama buttons. Hij verkoopt zijn Clinton-buttons nu al voor 1000 dollar of meer. Norm gokt ook op de democraten dit jaar. Hij gaat alle evenementen af om inkopen te doen bij de lokale verkopers. Hij heeft al zijn Obama buttons uitgestald op de tafel voor hem. Zijn duurste exemplaar op dit moment: 75 dollar voor de Kentucky Derby Obama ’08 (..) “Als je het goed doet investeer je in speciale gelegenheidsbuttons. Die zijn kostbaar”. Het eerste campagne attribuut ooit was trouwens van George Washington, de eerste president in 1789. Toen was het nog subtiel want Washington hoefde nog geen campagne te voeren. Hij deelde ‘jasknopen’ uit aan zijn trouwe aanhangers met de initialen GW.

Dat je geen aanhanger van het gedachtengoed hoeft te zijn om te verzamelen bewijst Chris Hearn. Hij verzamelt John Kennedy, maar is een doorgewinterd republikein. “John verkoopt goed”. Hearn heeft laatst nog een button verkocht voor 8000 dollar. En ja, ook hij is Obama aan het sparen. “This country seems to have a religious believe in the guy”, zegt hij met enig ongeloof. Maar er is een grens aan zijn verzamelwoede. Die ligt bij het stemhok. Hij gaat niet op Obama stemmen om zijn aankopen in waarde te doen stijgen: “Ik koop politiek campagne materiaal van iedereen, maar ik stem met mijn geweten.”

Obama is dus de nieuwe goudmijn in mijn hotelgang. Hij mag in het rijtje bij de andere populaire 'collectables': Abraham Lincoln die het goed deed in 1860, Theodore Roosevelt die ‘hot’ was in 1901, de zwart wit buttons (depressie) van Franklin Roosevelt in de jaren ’30 en John Kennedy in 1960. Maar wie weet krijgt Trent wel gelijk met z’n McCain voorspelling: ik heb voor de zekerheid van beide kandidaten een button gekocht. Je kan nooit weten. Als we straks de depressie inschieten heb ik altijd nog mijn investeringen van vandaag achter de hand.