Veel huisartsen willen de AstraZeneca-vaccinaties die ze overhouden graag aan patiënten onder de 60 toedienen, maar doen dat niet uit angst voor juridische gevolgen. Universitair hoofddocent Corrette Ploem denkt dat de kans daarop klein is.

Het bindend advies van de Gezondheidsraad is om AstraZeneca niet aan 60-minners te geven. Doen ze dat toch, omdat ze bijvoorbeeld aan het eind van de dag vaccin overhouden dat anders weg wordt gegooid, dan kan dat juridisch gevolgen krijgen met de inspectie. In samenspraak met de patiënt en vooral het om iemand met een hoog risico gaat, kan het toch, denkt Universitair hoofddocent Gezondheidsrecht bij het Amsterdam UMC Ploem.

Voor 60 minners die risico lopen

Lotje Vernooy is huisarts in Amersfoort. In haar praktijk vaccineren ze komende week ook weer met AstraZeneca. "In een ampul zitten 11 spuitjes en als die ampul eenmaal open is, moeten die op. Na elke vaccinatieronde zijn er bij ons wel wat spuitjes over," vertelt ze. Ze heeft gemiddeld zo'n 5 of 6 spuitjes over per dag en mag die maar 6 uur bewaren.

"Hugo de Jonge wil dat we die dan aan 65-plussers geven, maar die mogen vanaf komende woensdag via de GGD met Pfizer geprikt worden. Ik gebruik die overige spuitjes liever voor patiënten die onder de 60 zijn en risico lopen en veel langer op hun vaccin moeten wachten. Daar zijn er genoeg van in onze praktijk."

Lees ook

Toch maar niet vaccineren

Toch voelt huisarts Vernooy zich niet zeker genoeg om die patiënten te benaderen en te vaccineren. Mede omdat huisartsenvereniging LHV en medisch verzekeraar en belangenbehartiger VvAA waarschuwen dat er wel degelijk juridische gevolgen kunnen zijn. "Ik voel me niet volledig veilig om dat te doen, omdat ik dan dus volledig juridisch aansprakelijk ben bij een eventuele bijwerking. Ik wil niet het risico lopen straks mijn beroepspraktijk en mijn huis kwijt te raken, doordat ik iemand heb willen helpen."

Ploem snapt de zorgen van huisarts Vernooy. "Huisartsen willen patiënten met het risico op grote schade door corona tegemoet komen. Mijn idee is dat een individuele arts in samenspraak met een patiënt, en zeker met een hoog risico patiënt in het bijzonder, moet kunnen beslissen het toch toe te dienen. Dat valt binnen de medisch professionele standaard. Het Europees Medicijn Agentschap en het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen hebben niet gezegd dat je het niet mag toedienen, alleen dat er risico's aan verbonden zijn."

'Aan alles zit risico'

Volgens Ploem is dat met andere geneesmiddelen ook zo. "Geen enkele medische behandeling is zonder risico, ook al is deze als veilig aangemerkt. Denk aan de anticonceptiepil, en die is niet eens ter bescherming tegen een ziekte."

"In mijn optiek kun je goed gemotiveerd afwijken van een advies of richtlijn van de Gezondheidsraad of de minister. Je bent dan bezig met individuele hulpverlening en dat valt niet onder het landelijk vaccinatieprogramma", zegt Ploem.

Lees ook

Documenteren en motiveren

Medisch verzekeraar en belangenbehartiger voor zorgverleners VvAA laat in een reactie weten dat door 'het grillige vaccinatiebeleid de 'professionele norm' op dagelijkse basis lijkt te veranderen en daarmee ook de rechtspositie van (huis)artsen'. Er is veel onduidelijkheid bij patiënten en (huis)artsen, blijkt uit de hoeveelheid vragen die VvAA binnenkrijgt. "Elke individuele casus zal uiteindelijk moeten worden beoordeeld op basis van de situatie op dat moment."

Universitair hoofddocent Ploem wil de huisartsen een hart onder de riem steken. "Ik zou huisartsen boodschap willen meegeven dat ik meen dat als ze professionele verantwoordelijkheid voelen om een hoog risico persoon te vaccineren met AstraZeneca, ze dat goed gemotiveerd en gedocumenteerd redelijk veilig kunnen doen. Ik zie niet in waarom ze daardoor een heel hoog aansprakelijkheidsrisicio zouden lopen."