Rene de Wit wil met zijn bedrijf graag Defensie helpen bij het uitbreidenBron: EenVandaag
Rene de Wit wil met zijn bedrijf graag Defensie helpen bij het uitbreiden
Uitbreiding defensie

Waarom sommige Nederlandse bedrijven maar amper profiteren van de groei van Defensie

Na jaren van bezuinigingen kan Defensie nu weer geld uitgeven en nieuw materieel aanschaffen. De wens is om Nederlandse bedrijven zoveel mogelijk te laten profiteren, maar dat lukt lang niet altijd. "Veel belangstelling, maar nog geen concrete orders."

Door de onrust in de wereld kiest de politiek ervoor om de defensiebudgetten fors op te schroeven. In 2025 stond Defensie nog voor 19,8 miljard euro op de rijksbegroting, in 2026 stijgt dit al naar 34,5 miljard euro.

Nieuw materieel

Een groot deel van dit extra geld gaat naar nieuw materieel zoals tanks, pantservoertuigen en luchtverdediging. Nederlandse ondernemers willen een graantje meepikken bij deze groei van Defensie, maar dat blijkt niet voor iedereen even makkelijk.

Een van hen is Rene de Wit van Defenture uit Tiel. Met zijn bedrijf bouwt hij militaire voertuigen. Samen met Nederlandse commando's ontwikkelde hij de GFR, een voertuig gespecialiseerd in off-road rijden onder extreme omstandigheden. "Afgelopen jaar hebben we alleen gemerkt dat de interesse is toegenomen, maar concrete orders blijven nog uit. En dat is jammer."

Orders bij lokale industrie

De Wit: "En dat zien we over de hele linie in deze industrie. Dat Defensie nog een transitie moet maken van bezuinigen en afbouwen tot nu opeens het doen van grote investeringen."

Vanuit de NAVO klinkt de roep dat we als defensie-industrie moeten opschalen. Dat willen we doen, maar geef ons dan wel orders en duidelijkheid
Rene de Wit van Defenture over het opschalen van de defensie-industrie

Hij vervolgt: "Vanuit de NAVO klinkt de roep dat we als defensie-industrie moeten opschalen. Dat willen we doen, maar geef ons dan wel orders en duidelijkheid." Bij Defenture zit wrevel dat onder meer de Duitse en Poolse krijgsmacht wél nieuwe orders plaatst, maar dat Nederland terughoudend is en recent nog een grote order voor voertuigen in Duitsland plaatste.

Financiële problemen

En De Wit ziet dat andere landen wél veel orders bij hun eigen industrie plaatsen. "Frankrijk is heel chauvinistisch. En ook landen als Zweden en Engeland plaatsen allemaal veel orders bij hun eigen lokale industrie. Hier zien we dat nog niet."

Dat de nieuwe bestellingen vanuit Nederland bij Defenture nog niet doorkomen, komt mogelijk doordat het bedrijf begin vorig jaar kampte met financiële problemen en dat eerdere bestellingen niet op tijd geleverd waren. "Dat kan er ook mee te maken hebben, maar we hebben veel overleg met Defensie over de verbeteringen die we nu doorvoeren", zegt De Wit.

Andere ervaring

Directeur Siete Hamminga van Robin Radar Systems heeft een heel andere ervaring. Zijn bedrijf bouwt innovatieve radars die vliegende drones razendsnel kunnen detecteren. Zijn bedrijf kreeg sinds de oorlog in Oekraïne een enorme boost. "In 2022 maakten we een omzet van ongeveer 14 miljoen, voor 2025 is dat ruim 100 miljoen."

Hamminga levert al jaren droneradars aan Oekraïne, intussen zijn zo'n 200 radars geleverd. "Die worden daar onder meer gebruikt om kritieke infrastructuur te beveiligen. Maar ze worden ook aan het front ingezet."

Snelle samenwerking

Intussen levert het bedrijf ook radars aan Nederland en is Hamminga erg te spreken over de snelle samenwerking met Defensie. "We hebben een order van honderd systemen voor de bescherming van Nederland."

Hij benadrukt hoe snel deze order tot stand kwam: "Deze opdracht van honderd systemen was binnen 2 weken getekend."

Waarom sommige Nederlandse bedrijven maar amper profiteren van de groei van Defensie

Te weinig langjarige opdrachten

Er is dus sprake van een gemengd beeld, dat ziet ook ook Raymond Knops van de branchevereniging voor defensiebedrijven (NIDV). Bedrijven kunnen nu al profiteren van het extra geld, maar hij ziet ook dat Defensie nog in een omschakeling zit. "Om op te schalen moet Defensie langjarige opdrachten geven aan bedrijven, zodat die kunnen opschalen en investeren. Maar dat gebeurt nu nog niet genoeg."

"Dit is een bijzondere markt, waarin de overheid de enige klant is en een meerdere aanbieders zijn, een monopsonie heet dat", legt hij uit. "Dat betekent dat de overheid de eerste stappen moet zetten. En dat gaat nu nog niet snel genoeg."

In Nederland uitgeven?

Demissionair staatsecretaris Gijs Tuinman van Defensie herkent de kritiek, maar benadrukt dat hij er hard voor werkt om de Defensie-uitgaven in Nederland te laten landen.

"Er gaat echt veel belastinggeld vanuit onze begroting naar Defensie toe", vertelt hij. "Dus we moeten zorgen dat dat ook weer deels terugkomt om de economie te versterken. Ik ben echt wel keihard gedreven om dat te doen."

Prijs-kwaliteit-verhouding

Tuinman benadrukt dat Defensie voorheen met name keek naar de beste prijs-kwaliteit verhouding. Maar nu zijn daar twee punten aan toegevoegd: snel kunnen leveren en Nederlandse herkomst. "We gooien het echt over een hele andere boeg. Dat betekent ook dat mensen bij mij soms in een soort gewetenswroeging komen."

"Ik kan me voorstellen dat mensen die al 20 jaar bij Defensie werken, ook even tijd nodig hebben om dat voor zichzelf te verwerken", gaat de staatssecretaris verder. "Maar uiteindelijk moeten er meer spullen uit Nederland komen."

Zo afhankelijk is onze defensie van het buitenland