Joaniek Vreeswijk en Noël Silalahi behoren tot de derde generatie Molukkers in NederlandBron: Eigen foto
Joaniek Vreeswijk en Noël Silalahi behoren tot de derde generatie Molukkers in Nederland

Monument en mogelijk excuses voor Molukkers maakt veel los bij Joaniek (30) en Noël (25): 'Maar willen geen symboolpolitiek'

Op de kade waar veel Molukkers 75 jaar geleden de eerste voet op Nederlandse grond zetten, wordt morgen een monument onthuld en mogelijk excuses gemaakt. Dat de behandeling van Molukkers diepe sporen heeft nagelaten, voelt ook de jongste generatie nog.

"De strijd om erkend te worden en om de excuses te krijgen van de Nederlandse staat, die strijd voeren we 75 jaar. Wij staan in de schaduw van onze grootouders", zegt de 25-jarige Noël Silalahi. Hij is het kleinkind van een Molukse KNIL-militair en hij zet zich met de stichting Ain Ni Ain in voor de Molukse cultuur in Nederland.

KNIL-militairen

De geschiedenis van Molukkers in Nederland gaat 75 jaar terug, maar is niet los te zien van de eeuwen van kolonisatie door Nederlanders die eraan vooraf gingen.

Toen Soekarno en Mohammad Hatta na de Japanse capitulatie in augustus 1945 voor een deel van Indonesië de onafhankelijkheid uitriepen, begon een heftige oorlog waarin Molukse militairen meevochten in het Koninklijk Nederlandsch-Indisch Leger (KNIL) tegen Indonesië.

Naar Nederland gehaald

In 1949 gaf Nederland de strijd op en trok zich terug. Er ontstond een gevaarlijke situatie voor de KNIL-Molukkers, daarom verbood de Nederlandse rechter de regering om hen in vijandig gebied achter te laten. In 1951 werden 12.500 Molukkers naar Nederland te gehaald.

Dit zou gaan om tijdelijke huisvesting, waarbij mensen goed zouden worden opgevangen. In plaats daarvan werden mensen ondergebracht in 'woonoorden', zoals kloosters, kazernes, en voormalige concentratiekampen.

Monument én excuses?

Ook werden de KNIL-soldaten ontslagen en mochten ze de eerste jaren geen betaald werk doen. Mensen zaten in slechte omstandigheden ver van huis, zonder inkomen, terwijl op de Molukken de onafhankelijkheidsoorlog nog bezig was.

Morgen wordt op de Rotterdamse Lloydkade het Nationaal Monument voor Molukkers in Nederland onthuld en premier Rib Jetten zal tijdens de ceremonie ook een toespraak geven. Mogelijk zal hij hierbij excuses maken voor de manier waarop Nederland is omgegaan met deze groep.

'Een stempel drukken'

"Ik ben er heel erg dankbaar voor dat wij letterlijk en figuurlijk een stempel gaan drukken op Nederlandse bodem", zegt Noël Silalahi over het nieuwe, landelijke monument.

Ik ben er heel erg dankbaar voor dat wij letterlijk en figuurlijk een stempel gaan drukken op Nederlandse bodem.
Noël Silalahi over het Nationaal Monument voor Molukkers

Hij behoort tot de derde generatie Molukkers, maar voelt zich sterk verbonden met de gemeenschap in Nederland én op de Molukken. Hetzelfde geldt voor de 30-jarige Joaniek Vreeswijk, wier oma en opa (een ex-KNIL-militair) bij de eerste generatie Molukkers in Nederland hoorde.

Vanuit gemeenschap zelf

Beiden zijn zeer actief in de Molukse gemeenschap, maar benadrukken allebei dat ze niet voor álle Molukse jongeren kunnen spreken. Het is een diverse groep, waarin veel gevoelens en meningen leven.

Zowel Noël als Joaniek zegt het bijzonder te vinden dat het monument er nu komt, omdat het echt vanuit de gemeenschap zelf komt. "Het is heel klein begonnen en steeds groter geworden", zegt Joaniek. Het is nooit bedacht dat de premier zou komen spreken en mogelijk excuses zou aanbieden. "Het is echt ván de gemeenschap en vóór de gemeenschap."

Verbondenheid in gemeenschap

En die gemeenschap blijft ook na 75 jaar in Nederland heel hecht. Veel Molukkers kwamen vanaf de jaren 60 bij elkaar te wonen in Molukse wijken, veel families wonen daar nog steeds.

Maar de verbondenheid komt nog meer door de cultuur, zegt Noël. "Het maakt niet uit waar je woont. We zien elkaar als broers en zussen. Dat we elkaar nog steeds helpen in goede en mindere tijden maakt de cultuur zo bijzonder voor mij."

Cultuur doorgeven

"Het raakt mij enorm dat ik dat mag dragen en doorgeven", zegt hij. Niet alleen de mooie kanten van de Molukse cultuur draagt hij bij zich, ook de pijn. "Je ziet dat het toch wel indirect is doorgegeven."

Excuses vanuit de Nederlandse staat noemt hij 'hoopvol', maar hij voegt er ook aan toe dat dit eerder had moeten gebeuren. "Toen onze eerste generatie (nog) leefde."

Bron: ANP
In april kwam er op het Marineterrein in Amsterdam een monument ter erkenning van Molukse mariniers

Geen symboolpolitiek

Noël is ook benieuwd naar hoe de Nederlandse regering de eventuele excuses aan de Molukse gemeenschap zou invullen. "Het moet wel inhoud hebben en geen symboolpolitiek zijn", vindt hij.

Joaniek kijkt nog wat kritischer ernaar en zegt dat ze niet zit te wachten op 'loze excuses'. "We willen geen leeg excuses zonder dat daar iets van rechtsherstel bij komt kijken", zegt ze.

'Ga met ons in gesprek'

Daarbij bedoelt ze dat een excuses tastbaar gemaakt moet worden met herstelbetalingen en meer kennis over historische misstappen. "Ook moet er aandacht zijn voor de Molukken en wat daar nu aan de hand is", zegt ze. Volgens haar kan er niet zomaar een streep onder worden gezet, omdat eeuwen van Nederlandse kolonisatie nog steeds doorwerken.

"Het is een gevoelig onderwerp, dus voordat er invulling aan wordt gegeven: ga alsjeblieft in gesprek met de gemeenschap", roept Joaniek het kabinet op. In het verleden is dat volgens haar te weinig gebeurd, waardoor de situatie alleen maar pijnlijker werd.

Pijn als drijfveer

Verder wil ze graag verder kijken dan de pijn die er binnen de Molukse gemeenschap is. "Daar wordt vaak in de media ook heel erg op gefocust", zegt ze. Maar veel jongeren willen volgens haar vooruit kijken.

"De generatie voor ons heeft een hele pijnlijke geschiedenis doorgemaakt", zegt ze. "En natuurlijk heeft dat ook zijn doorwerking op ons, maar wij gebruiken dat als drijfveer. Wij willen kijken hoe we de privileges die we in Nederland hebben als Molukse gemeenschap kunnen inzetten. Voor onze gemeenschap hier, maar ook voor onze mede-Molukkers op Maluku zelf."

Advertentie via Ster.nl