Affectieschade, het soort smartengeld voor naasten en nabestaanden van ernstige misdrijven of ongevallen, wordt amper toegekend aan (half-)broers en zussen. Deskundigen pleiten voor snel ingrijpen van de politiek.

De wet affectieschade is bedoeld als genoegdoening en erkenning van het leed van nabestaanden. Maar (half-)broers en zussen vallen buiten de kring van mensen die daar aanspraak op kan maken. Het zorgt voor schrijnende situaties in de rechtszaal en daarbuiten, zeggen deskundigen. "Het is heel zwaar om iets aan te tonen wat ongrijpbaar is."

Nauwe band aantonen

Affectieschade kan sinds 2019 worden toegekend in zaken waarin iemand ernstig of fataal letsel heeft opgelopen door het toedoen van iemand anders. Moord en doodslag vallen daaronder, maar ook verkeersongevallen of medische missers. Degene die het veroorzaakt heeft, betaalt de naasten voor het aangedaane leed. Het gaat om een vast bedrag van tussen de 12.500 en 20.000 euro en is bedoeld voor een vaste kring naasten.

In de regel zijn dat vaak de partner, ouders en kinderen. (Half-)broers en zussen vallen erbuiten, Ze kunnen er aanspraak op proberen te maken via de zogenoemde 'hardheidsclausule'. Ze moeten dan voor de rechter kunnen aantonen dat er sprake is van een zeer nauwe en betrokken band. Bijvoorbeeld omdat ze langdurig samenwoonden of voor elkaar zorgden. Of ze moeten hun band voor de rechter 'bewijzen' met foto's, video's, reisverslagen of Whatsapp-gesprekken.

'Psychisch belastend'

Psychisch enorm belastend, stelt Slachtofferhulp Nederland. Uit jurisprudentie-onderzoek in 60 zaken die de organisatie deed, blijkt dat de rechter de hardheidsclausule nauwelijks en in zeer wisselende zaken toepast. "Een gebrek aan rechtszekerheid", zegt Slachtofferhulp.

'Een afwijzing van het verzoek, voelt voor broers en zussen bovendien alsof hun band en ook het leed niet worden erkend. Het leidt tot 'secundaire victimisatie', schrijft Rosa Janssen van Slachtofferhulp Nederland aan Kamerleden.

Bekende voorbeelden

Ook rechters worstelen ermee. Bekende zaken zijn die van van Thijs H., waarin de tweelingzus van een van de slachtoffers vroeg om affectieschade. Die werd afgewezen omdat hun band 'juridisch gezien niet toereikend was'. De band van tweelingen wordt vaak als nog hechter wordt gezien dan andere broers en zussen, stelt Slachtofferhulp.

In het MH17-proces vroeg de rechtbank in het vonnis aandacht voor de speciale positie van broers en zussen die niet (meer) samenwoonden met het slachtoffer. "De rechtbank heeft tijdens de zittingen kunnen constateren dat de onmogelijkheid om op deze schade aanspraak te maken broers en zussen zeer pijnlijk treft en dat deze onmogelijkheid als zeer onrechtvaardig wordt ervaren."

'Groep is geen uitzondering meer'

Dat er iets moet gebeuren, onderschrijft ook advocaat Babette van Beest, die veel slachtoffers en nabestaanden bijstaat. Volgens de advocaat werd er de laatste jaren zo'n 90 keer een beroep op gedaan, 86 keer door broers en zussen. Het werd slechts in 16 gevallen toegekend. "Daar kun je al uit afleiden dat als zo'n groep zo massaal een beroep doet op iets dat een uitzondering hoort te zijn, dat zo'n groep geen uitzondering meer is".

De wetgever wilde een beheersbare efficiënte regeling om erkenning te bieden, zonder onsmakelijke procedures, zegt Van Beest. Maar voor de boers en zussen is het tegenovergestelde bereikt, stelt zij. "Het is ontzettend onsmakelijk om een ongrijpbare liefdevolle band aan te moeten tonen tijdens zitting", zegt ze. Als het vervolgens afgewezen wordt, is dat 'ontzettend pijnlijk'. "Daar gaat veel verdriet mee gepaard", vertelt zij.

Niet meer van deze tijd

Advocaat Van Beest noemt de regeling 'niet meer van deze tijd'. Zo stond ze ook in de rechtszaal voor een minderjarige broer en zus van een cliënt die overleden was door een verkeersongeluk. Het zusje had een brief geschreven over de band met haar zusje. Van Beest toonde een compilatie van beelden om de band voelbaar te maken.

"De emoties liepen zo hoog op dat de aansprakelijke partij weg moest", vertelt ze. Hoewel Van Beest vertrouwen had dat door de rechter de vordering zou worden toegewezen, veegde de rechter het van tafel. "De ouders durfden het niet te vertellen aan de kinderen." Zelf voelde ze zich toen machteloos: "Heel confronterend is dat."

Structurele oplossing

Minister voor Rechtsbescheming Franc Weerwind heeft aangekondigd de wet pas in 2024 te willen evalueren. Dat is te laat, vindt advocaat Van Beest. Een tijdelijke oplossing is te vinden in de manier waarop de rechter kan kijken naar de nauwe band. Als voorbeeld noemt ze hoe er geoordeeld wordt bij omgangsregelingen. "De structurele oplossing is een wetwijziging", zegt ze.

Ook Slachtofferhulp Nederland wil dat de politiek nu in actie komt, nog voor de wetsevaluatie. Ze noemen de regeling van nu onnodig psychisch belastend en pleiten ervoor de vast kring met gerechtigden uit te breiden naar (half-) broers en zussen.

audio-play
Bekijk hier de tv-reportage

Vragen? Stel ze!

Heb je nog vragen of wil je reageren? Stuur ons dan hier een berichtje in onze chat. Elke donderdag vertellen we in de Doe mee-nieuwsbrief wat we met alle reacties doen. Wil je die in je mail? Meld je dan hier aan.