Duitsland stelt in 2016 een vrouwenquotum in voor het bedrijfsleven, maar in ons land is daar weinig draagvlak voor. Dat blijkt uit onderzoek van EenVandaag. Slechts een kwart (27%) van de deelnemers is voor een verplicht quotum van vrouwen in het Nederlandse bedrijfsleven. Tweederde is tegen.

Ook onder vrouwen zelf is geen meerderheid: zo’n vier op de tien vrouwen zijn voor het instellen van een quotum. Voorstanders vinden dat zo’n quotum minimaal 30 procent moet zijn.

Zowel voor- als tegenstanders noemen ongelijkheid en soms zelfs discriminatie als argument in deze discussie. Veel deelnemers zeggen dat zo’n quotum juist de emancipatie tegenwerkt. ‘Dan lijkt het of vrouwen extra hulp nodig hebben. Je wilt toch niet ergens aangenomen worden alleen of vooral omdat je een vrouw bent?’ Maar de voorstanders stellen juist dat vrouwen nog lang niet altijd gelijke kansen krijgen. En dat dit nu juist een goed middel kan zijn om die ongelijkheid te bestrijden. 

Samengesteld team

De grootste groep (werkende) deelnemers aan het onderzoek geeft overigens aan het liefst te werken in een samengesteld team van mannen en vrouwen (48%). Saillant detail: maar 5% van de mannen en slechts 2% van de vrouwen zou het liefst ‘vooral samenwerken met vrouwen’, terwijl 19% van de deelnemers het liefst ‘vooral met mannen’ samenwerkt.  

In Radio EenVandaag een gesprek met Sandra Phlippen, hoofdredacteur van het Economisch Vakblad ESB en Anthonia van Rappard, respondent van het EenVandaag Opiniepanel en voorstander van een vrouwenquotum. Mariëlle Koekenbier van het Opiniepanel licht de onderzoeksresultaten toe.

Over dit onderzoek:

Aan het onderzoek deden ruim 20.000 leden van het EenVandaag Opiniepanel mee. Het onderzoek vond plaats van 2 tot en met 5 december 2014. Het onderzoek is na weging representatief voor zes variabelen.