Eén op de drie incidenten met verbaal of fysiek geweld in het voortgezet onderwijs gaat de doofpot in. Van de leraren die de afgelopen drie jaar slachtoffer zijn geworden van scheldpartijen, bedreigingen of lichamelijk geweld zegt 36 procent dat de school geen actie onderneemt terwijl daar volgens hen wel reden toe is. Dit blijkt uit onderzoek van EenVandaag onder 1700 medewerkers in het voortgezet onderwijs. Volgens de ondervraagden is de belangrijkste reden hiervoor dat het ‘slecht is voor het imago van de school’.

Vanavond vertellen leraren in EenVandaag over hun ervaringen. ‘Ik gaf een onvoldoende, toen bedreigde een leerling me met een mes. Hij stuurt me nog ieder jaar een valentijnskaart met bedreigingen', aldus een lerares in de uitzending. De school raadde haar af om aangifte te doen omdat dat slecht zou zijn voor de naam van de school.

Vier op de tien slachtoffers (39 procent) hebben achteraf last van psychische klachten. Dat varieert van stress en een onveilig gevoel op de werkplek tot ziekteverzuim en het verlaten van de school. Veel docenten voelen zich niet serieus genomen door hun eigen directie. Een deelnemer zegt hierover: ‘Je voelt je in de steek gelaten. De directie interesseert het niet. Hun reactie: hoort bij het vak van leraar, zo is de maatschappij. De directie denkt alleen aan hun eigen imago en imago van school. Slechte pr kost leerlingen en geld.’

‘Kankerhoer’ normaal

De helft (49 procent) van de ondervraagde docenten en personeelsleden heeft de afgelopen drie jaar te maken gehad met verbaal geweld. Keer op keer worden hen dodelijke ziektes toegewenst. ‘Kankerhoer, teringwijf, dat is heel normaal’ , aldus een docente. Maar ook bedreigingen met de dood komen voor. Eén op de tien (10 procent) is slachtoffer geworden van fysiek geweld, zoals slaan, schoppen en het gooien van zware voorwerpen tegen het hoofd.

Hoewel de daders meestal leerlingen zijn laten ook de ouders zich niet onbetuigd. Eén op de vijf (21 procent) van de slachtoffers van verbaal geweld heeft een scheldende of dreigende ouder tegenover zich gehad.

Verplichte registratie

Bijna driekwart (72 procent) van de deelnemers is voorstander van verplichte registratie van incidenten. Ze verwachten dat de omvang van het probleem dan duidelijk wordt en er minder in de doofpot zal gaan. Het ministerie van Onderwijs wil met ingang van het schooljaar 2012-2013 zo’n verplicht registratiesysteem invoeren.

Over het onderzoek

Het onderzoek is uitgevoerd door het televisieprogramma EenVandaag met medewerking van de onderwijsbonden AOb en CNV Onderwijs.

Aan het onderzoek deden bijna 1700 mensen mee die werkzaam zijn in het voortgezet onderwijs, waaronder 1350 docenten. De deelnemers beantwoordden vragen over incidenten die de afgelopen drie jaar hebben plaatsgevonden.

Het onderzoek is gehouden van 6 tot 21 april 2011.

Download