De Nederlandse kinderen Ammar en Sara die sinds juni ondergedoken zitten op de Nederlandse ambassade in Damascus mogen naar huis. In EénVandaag laat de vader van de kinderen zien hoe hij in Damascus leeft. Hadden Ammar en Sara het wel zo slecht bij hun vader in Syrië? EénVandaag bezocht hun school en sprak hun vriendjes en vriendinnetjes.

Ammar en Sarah brengen noodgedwongen de kerstdagen door op de Nederlandse ambassade in Damascus. De Nederlands-Syrische kinderen van 13 en 11 jaar komen wel naar Nederland. Dit hebben de Syrische president Bashar al-Assad en het ministerie van Buitenlandse Zaken in Syrie toegezegd. Wanneer is echter nog de vraag. Waarschijnlijk kan moeder Janneke Schoonhoven de twee in januari weer in haar armen sluiten. De vader houdt de kinderen sinds 2004 vast in Syrië. Afgelopen maand juni zochten Ammar en Sarah hun toevlucht in de Nederlandse ambassade in Damascus. Volgens de vader horen de kinderen bij hem. Zij hebben het goed in Syrië. In Nederland heeft de moeder de voogdij over de kinderen, maar volgens de Syrische wet beslist de vader. Tot op de dag van vandaag weigert hij de kinderen te laten gaan. De moeder beweert dat de kinderen het zeer slecht hadden bij hun vader in Syrië. In EénVandaag het verweer van de vader. Ook Vermist houdt het laatste nieuws over de kinderen bij.

Lees ook het weblogartikel 'De grote boze Arabier' in het weblog van verslaggever Annemieke Veltman.