Erik Groenendijk ontsnapt als militair op missie aan de dood na een granaatontploffing in een legervoertuig. Hij en zijn dienstmaat Appie werden er destijds zelf van verdacht de granaat tot ontploffing te hebben gebracht. Meerdere onderzoeken volgen, zonder resultaat. Zeven jaar lang blijft onduidelijk wie de explosie heeft veroorzaakt.  De zaak wordt geseponeerd, wegens gebrek aan bewijs.

Maar uit een recent oriënterend onderzoek van de Koninklijke Marechaussee blijkt dat dienstmaat Appie tegen zijn broer heeft gezegd dat hij de granaat heeft geworpen. Groenendijk eist nu met een artikel-12 procedure heropening van zijn zaak.

Camp Coyote, Uruzgan

Uruzgan, Camp Coyote, 7 maart 2010. Militair Erik Groenendijk gaat samen met zijn maatje Appie in een pantservoertuig op zoek naar zijn iPod. Erik is net aan het zoeken als Appie ineens begint te roepen: “Erik, ren! Erik, ren!” Slechts enkele seconden later ontploft een handgranaat in het voertuig. Zonder Appie’s waarschuwing had Groenendijk het niet kunnen navertellen.

Erik is ervan overtuigd dat er een aanslag is gepleegd, waarschijnlijk door Afghanen. Maar onderzoek sluit die mogelijkheid later uit. Defensie verdenkt niet de Taliban maar de twee militairen zelf ervan de granaat tot ontploffing te hebben gebracht. Er volgt een diepgaand onderzoek. Omdat onduidelijk blijft wat er is gebeurd, wordt de zaak geseponeerd wegens gebrek aan bewijs.

Kameraad Appie veroordeeld voor roofmoord

Erik houdt vast aan de gedachte dat er een aanslag is gepleegd. Hij heeft geen reden om aan Appie te twijfelen, het is zijn kameraad. In 2014 wordt alles anders. Dienstmaat Appie, die eigenlijk Admilson R. heet, wordt gearresteerd voor betrokkenheid bij drie roofmoorden.

Hij zou met zijn broer Marcos het echtpaar Veenendaal hebben omgebracht en ook verantwoordelijk zijn voor de roofmoord op Berend Smit. In 2015 worden de broers veroordeeld tot een celstraf van 30 jaar. Het hoger beroep in deze zaken loopt nog. Het Openbaar Ministerie heeft levenslang geëist.

“Hij wilde mij niet vermoorden, maar mij redden"

Lange tijd kon Erik het niet geloven. Hij vertrouwde blindelings op Appie. “Ik zeg ook altijd 'ik vertrouw mijn vrienden. Maar de jongens van defensie en de jongens waarmee ik op uitzending ben geweest, die vertrouw ik echt'.”

Langzaam dringt het tot hem door. Admilson was weliswaar degene die hem waarschuwde voor het explosief in de bushmaster. Maar hij was ook degene die de handgranaat er heeft geplaatst, zegt Groenendijk, omdat hij op zoek was naar een heldenstatus:  “Ik geloof niet dat hij mij wilde vermoorden, maar dat hij op zoek was naar een heldenstatus. Hij heeft mijn leven gered.”

Nieuwe verklaring, Groenendijk eist heropening

Deze these wordt deels ondersteund door een uitgebreide analyse van oud-rechercheur Dick Gosewehr die concludeert dat Admilson gevaar zocht om de ‘redder’ te spelen. Dat en een aangifte van Erik tegen Admilson in september vorig jaar, leidt ertoe dat de Koninklijke Marechaussee opnieuw een oriënterend onderzoek instelde.

Deze zomer presenteert de marechaussee dat oriënterende onderzoek. Daaruit blijkt dat Admilson R. verklaard heeft dat hij achter de aanslag zat op de bushmaster in 2010. Hij zou een bekentenis hebben afgelegd tegen zijn broertje Marcos. Toch concludeert het rapport dat er geen reden is tot heropening van de zaak. Er zouden geen nieuwe feiten zijn. De bekentenis van Admilson R. heeft hij later ingetrokken.

Erik Groenendijk neemt daar nu geen genoegen mee. Hij heeft daarom zijn advocaat Sébas Diekstra gevraagd een zogenaamde artikel-12 procedure te starten om alsnog heropening te eisen van de zaak bij het Militaire Gerechtshof in Arnhem. “Voor Erik staat één ding voorop, hij wil dat de waarheid boven tafel komt,” aldus Diekstra.

Diekstra: “Voor hem is er geen andere weg dan te vragen of de andere verdachte in deze zaak wel vervolgd wordt voor het feit en een onpartijdige rechter over die schuld of onschuld oordeelt."

Broers ontkennen lezing 

Marcos R. ontkent stellig dat zijn broer Admilson dit heeft verteld. Volgens Marcos' advocaat Wim Anker heeft hij vandaag verschillende keren contact gehad met zijn broer. Beiden zeggen dat Admilson dit nooit heeft gezegd.

De advocaat van Admilson, Noortje Lut, heeft aangegeven niet inhoudelijk te kunnen reageren.

Nog dagelijks geconfronteerd met gevolgen

Erik heeft defensie al jaren geleden verlaten. Tegenwoordig werkt hij als begeleider van explosieven- en drugsspeurhonden. De gevolgen van het incident in Uruzgan ondervindt hij nog dagelijks. “Ik heb chronische rugklachten. Dag in dag uit heb ik pijn."

De zaak ligt nu bij het Openbaar Ministerie in Oost-Nederland. Zij wachten de artikel 12 procedure verder af.
 

Reactie Openbaar Ministerie Oost-Nederland

Het OM heeft  in een oriënterend onderzoek gekeken of er nieuwe feiten en omstandigheden zijn die een heropening van het strafrechtelijk onderzoek rechtvaardigen. Dit oriënterend onderzoek heeft bestaan uit dossier- en bronnen onderzoek,  nader technisch/forensisch onderzoek, diverse interviews en het opnemen van een verklaring van de aangever. Het OM heeft na afronding van het onderzoek geconcludeerd dat er geen sprake is van nieuwe omstandigheden, nieuwe feiten of nieuwe bezwaren die een heropening van het onderzoek rechtvaardigen. Voor de aangever bestaat de mogelijkheid om dit besluit van het OM door middel van een artikel 12 procedure te laten toetsen door het Gerechtshof. Nu het zich laat aanzien dat de aangever deze procedure start, zal het OM zich onthouden van commentaar in de media en haar zienswijze voorleggen aan het Hof.