Vluchtelingen die via de Turkije-deal naar Nederland willen komen, worden eerst op de ambassade in Ankara aan een screening onderworpen. Ongeveer één vijfde van de vluchtelingen haalt nooit de Nederlandse grens, omdat hun denkbeelden niet stroken met onze waarden en normen.

De politie toetst of de vluchtelingen een gevaar vormen voor de openbare orde. Daarnaast bekijkt immigratiedienst IND of iemand niet betrokken is geweest bij oorlogsmisdaden. Uit een artikel in de Volkskrant blijkt dat het daar niet bij blijft. Er wordt ook gekeken of een vluchteling voldoende kan integreren. “Als je zegt: mijn kinderen gaan koste wat het kost niet in gemengde klassen of er wordt niet samen gezwommen, dan gaat er een streep door je dossier en kom je Nederland niet in”, zegt Paul van Musscher in de Volkskrant. Van Musscher is landelijk portefeuillehouder vreemdelingenzaken en migratiecriminaliteit bij de politie.

Al decennia lang gedaan

Screenen op denkbeelden die niet stroken bij de Nederlandse waarden en normen wordt al decennia lang gedaan, zo vertelt hoogleraar migratiegeschiedenis Marlou Schrover. Toch is Schrover, aangesloten bij de Universiteit van Leiden, verrast door het bericht: “Meestal wordt het wat verkapt gezegd. In eerdere gevallen is er ook geselecteerd, maar dan was er minder openheid over de criteria”.

Ondanks dat het geen nieuwe ontwikkeling is, is het toetsen op deze wijze officieel niet toegestaan. “De vluchtelingenwet zegt wie recht hebben op een vluchtelingenstatus. Dat gaat om mensen die vervolgd zijn, die niet door hun eigen overheid beschermd worden. Dat is het enige criterium waarop je zo’n status krijgt”, aldus Schrover. “Dat assimileerbare heeft er niks mee te maken. Dus in dat opzicht is het een discriminerende maatregel. Dat moet niet kunnen.” 

VVD steunt screening

Malik Azmani, woordvoerder asielzaken voor de VVD, is blij met de screening. “Ik vind het heel goed om integratiecriteria te hanteren. Je geeft daarmee een signaal af naar die mensen over het type samenleving waarin ze terecht komen en je kijkt of ze hier inpasbaar zijn. Ik vind dat dat ook bij asielaanvragen zou moeten, die direct in Nederland worden gedaan.” Dat mensen van gedachten kunnen veranderen na aankomst in ons land of kunnen liegen, erkent hij wel. Mensen in Turkije verkeren niet in gevaar. Toch is het een goed idee om ze naar Nederland te laten komen, zegt de VVD'er. “Je ontlast daarmee de wereld, daar komt het op neer.” Azmani kan niet zeggen welke criteria er nog meer gehanteerd worden bij de screening van vluchtelingen in Turkije. 

Hoogleraar Schrover is het oneens met Azmani wat betreft het ontlasten van de wereld. Volgens haar blijkt uit voorbeelden uit het verleden dat een lange periode van onzekerheid voor destabilisatie kan werken. Als een land als Turkije veel mensen moet houden die op de lijst van niet-integreerbaar staan, kan dat zo’n land behoorlijk ontregelen. “Vanuit Nederlands perspectief kan het enig hout snijden, maar voor Turkije kan het negatief uitpakken." Dat blijkt volgens haar ook uit het verleden. "Zo had Duitsland in de jaren ’50 een groot probleem met mensen die achterbleven in de kampen. Je kijkt vanuit een beperkt Nederlands perspectief naar zo’n probleem in plaats van een mondiaal perspectief. Het bestaan van een grote kamppopulatie kan destabiliserend werken voor Turkije en dat heeft ook weer gevolgen voor Nederland.”

Het screenen op denkbeelden van een vluchteling niet heel betrouwbaar, volgens Schrovers. “Wat je in feite doet is niet op assimileerbaarheid selecteren, als wel op kennis. Mensen die weten welk antwoord ze moeten geven, die meer weten van westerse samenlevingen, zullen antwoorden geven als; natuurlijk ben ik voor gelijkheid van mannen en vrouwen. Dus je selecteert waarschijnlijk niet daadwerkelijk op assimileerbaarheid.”

'Alleen criterium gemengd zwemmen is te dunne eis' 

Vluchtelingenwerk Nederland is al op de hoogte van deze manier van screenen. Adjunct-directeur Jasper Kuipers plaatst zijn vraagtekens bij de inhoud van de screening. “Het is heel moeilijk om de Nederlandse waarden en normen vast te leggen in criteria en die te toetsen. Het gaat hier om de meest kwetsbare groep vluchtelingen, bijvoorbeeld vanwege medische problematiek. Als het om zo’n grote groep gaat, twintig procent en als het om de voorbeelden, zoals de zwemles gaat, dan vind ik dat een heel dunne eis om iemand af te wijzen.”  

Het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers (COA) zegt niet mee te werken aan de screening. De organisatie begeleidt mensen die vanuit Turkije naar Nederland mogen komen. “Wij zijn niet betrokken bij de vraag of mensen mogen komen. Dat doen de politie en de IND”, aldus woordvoerder Jan Willem Anholts. Mensen die niet naar Nederland mogen komen, zouden naar een ander ander land in Europa kunnen gaan. Als ze daar ook niet heen mogen, dan blijven ze in Turkije en is het aan de Turkse overheid om hen terug te begeleiden naar het land van herkomst of asiel te geven.