'Manhattan aan de Maas' noemt het gemeentebestuur de stad trots. Hoewel de torens nu nog veel lager zijn dan die in New York, worden de ambities flink aangescherpt. Rotterdam gaat uitbreiden en bouwt nog verder de hoogte in: tot 250 meter.

Rotterdam kiest de komende jaren voor nog meer hoogbouw, en dan vooral nog veel hoger. De bovengrens gaat van 200 meter naar 250 meter. De Maasstad wil niet alleen in het centrum hoogbouw toepassen, maar kiest voor nog drie andere plaatsen: Alexanderpolder, Feyenoord City en het gebied rond het winkelcentrum Zuidplein. "Rotterdam wil tot 2040 zo'n 50.000 extra woningen bouwen, en daarom kiezen we ervoor de skyline met de stad te laten meegroeien", zegt wethouder Bas Kurvers (VVD).

Op onderstaande kaart kun je precies zien waar de gemeente deze hoge woontorens gaat bouwen:

50.000 nieuwe woningen in Rotterdam

Kurvers is zelf een geboren Rotterdammer, door het gebrek aan woningen is hij buiten de stad gaan wonen. "Zo zijn er veel meer Rotterdammers die niet weg willen uit de stad, maar wel moeten omdat ze niet aan een passende woning kunnen komen. Daar gaan we wat aan doen. Ook de politieman en de leraar moet kunnen wonen in de stad waar hij of zij werkt."

De stad gaat flink veranderen de komende jaren, er komen 50.000 woningen bij, en er komt veel meer hoogbouw. "De stad heeft altijd nieuwe dingen geprobeerd", zegt Kurvers, "en daar gaan we mee door. Mijn grootvader werkte in de bouw, hij hield van Rotterdam. Ik zal nooit vergeten dat hij aan het eind van zijn leven zei: 'Wat jammer dat ik het nooit af zal zien. Maar ik zal het zelf ook nooit af zien. Rotterdam is nooit af.'"

"Rotterdam wil tot 2040 zo'n 50.000 extra woningen bouwen, en daarom kiezen we ervoor de skyline met de stad te laten meegroeien", zegt wethouder Bas Kurvers (VVD).

'De stad op ooghoogte'

De afgelopen 50 jaar is Rotterdam langzaam gegroeid tot wat het nu is: een stad met een skyline. Hoog bouwen hoort inmiddels bij het Rotterdamse dna. "Maar", zegt stadsontwikkelaar Jeroen Laven, "De aandacht is teveel uitgegaan naar de penthouses op de bovenste verdiepingen, en veel te weinig naar wat er op ooghoogte gebeurt. De burgers op straat zien alleen de eerste verdiepingen van de hoogbouw. De stad is vergeten dat we geen vogels zijn, maar mensen."

Dat heeft ertoe geleid dat straten waaraan die torens staan soms dood en verlaten zijn. "De eigenaren van de torens kijken alleen naar de opbrengsten. Als 5 procent leeg staat is dat prima, onder aan de streep wordt dan winst gemaakt. Maar als die 5 procent de begane grond is, is dat wat de Rotterdammer ziet van die toren."

Risico's hoogbouw

Rotterdam zegt rekening te houden met de maatschappelijke risico's van hoogbouw: "We stellen eisen aan de voorzieningen en aantrekkelijke eerste etages op ooghoogte, zodat er een levendige woonomgeving komt", zegt wethouder Kurvers. Hoe dat precies gerealiseerd gaat worden is nog onduidelijk.

Jeroen Laven ziet inmiddels in de stad initiatieven ontstaan vanuit bedrijven en burgers zelf. "De mensen die hier werken zien ook dat het gebouw waar ze de hele dag in zitten doodsaai is. Zij gaan niet afwachten tot de gemeente het voor ze oplost. Rotterdammers moeten dit zelf oppakken."

'Hoe hoger hoe beter'

Pure liefhebbers van hoogbouw zijn er ook. Het collectief RTM-XL ziet de stad graag verticaal groeien. Zij zijn trots op de skyline van de stad en koppelen die skyline aan de mentaliteit: niet lullen maar poetsen. Stefan Klingens en Dirk Schennink, RTM-XL, "Ons gaat 250 meter nog niet hoog genoeg. Waarom niet 300 of nog hoger? Technisch kan het, we moeten alleen letten op de kwaliteit."

De pressiegroep 'RTM-XL' ontstond toen omwonenden in het Scheepvaartkwartier van de havenstad zich verzetten tegen de komst van de Zalmtoren. Met een pleidooi voor de gemeenteraad trok de pressiegroep een deel over de streep. "Juist de hoogbouw zou de stad naar de toekomst helpen" is de visie van RTM-XL. "Er is veel negatief sentiment over hoogbouw, wij wilden juist een positief geluid laten horen." Zelf zijn ze trots op hun stad. Rotterdam is anders, ruw, en levendig. "De stad bruist. Hoe hoger en meer er gebouwd wordt, hoe meer mensen er komen, hoe levendiger het hier wordt."

'Een goede mix is het toverwoord'

Hoogbouw is volgens architecten en ontwerpers ongeveer 20% duurder dan laagbouw. Die prijs zie je natuurlijk terug in de huur of koopprijs. Met name in Rotterdam-Zuid kan dat tot problemen leiden: het is een van de armste stedelijke gebieden van Nederland. 'Op Zuid', zoals de Rotterdammers noemen, heeft 19% een WW-uitkering, en is het gemiddelde inkomen 22.800 euro. Dit is het laagst van alle stadswijken in Nederland. Wie kan zich daar een hoogbouwwoning veroorloven?

Volgens wethouder Kurvers zal het bouwen van andere, soms duurdere woningen, ertoe leiden dat er een betere mix komt in wijken. Hoogleraar stadsontwikkeling aan de TU Delft, Ellen van Bueren is het daarmee eens. "Vroeger had de Bijlmer een schrikbeeld, daarin was gekozen om alle functies van wijken te scheiden. Alleen wonen, geen werken, niet recreëren, en een zeer eenzijdige bevolkingssamenstelling. Iedereen weet hoe dat is geëindigd. Daarom is een goede mix nu het toverwoord."

Prijsafspraken

Wethouder Kurvers wil afspraken maken met ontwikkelaars en woningbouwverenigingen en de middenhuur voor 10 jaar vastzetten. Juist om de middenklasse de kans te bieden in de stad te wonen. Door het tekort aan woningen en de wens van veel mensen om in de steden te wonen zijn de huizenprijzen de pan uit gerezen.

Maar Kurvers meent dat Rotterdam daar nog een voordeel kan halen, omdat de stad pas recent 'in de mode is geraakt'. Veel nieuwe Rotterdammers komen naar de stad vanwege de relatief goedkope woningen. "Het stadsbestuur pakt die kans met beide handen aan en maakt prijsafspraken. We zorgen dat er voldoende sociale huurwoningen zijn en we maken prijsafspraken over woningen in het middensegment."

Bekijk hier de tv-reportage.