Jaloersmakend. 925.000 kijkers, potentieel zo’n 13/14 zetels. Je zal zo’n lijsttrekker hebben. Natuurlijk weet Mark  Rutte dondersgoed wat het effect van een televisieoptreden kan zijn. 

En natuurlijk  is er goed nagedacht over bepaalde fragmenten die de mogelijkheid geven, iets ‘politieks’ te zeggen, wat het goed doet of wat op z’n minst met het oog op verkiezingen goed uitkomt. In die zin was Rutte oprecht: “’n Politicus is altijd koopman”. 

Hij had ook kunnen zeggen dat hij een professional is; hoe dan ook, zonder voorbereiding ga je als politiek leider niet onvoorbereid drie uur live de zender op. Alles mocht ter tafel komen. 

En inderdaad, dat kwam goed uit. Er kon even gezegd worden hoe goed Nederland is en hoe veel Nederland kan. Het homo-hetero-vraagstuk – voor sommigen een Haags borrelonderwerp -met betrekking tot de alleenstaande Rutte werd door hem geparkeerd. Hetero dus, geen twijfel. Het moest blijkbaar gezegd.  

Dat hij in een anti-Den Uyl–anti-PvdA-sfeer is grootgebracht, is toch handig even te memoreren voor de alleroudste stemgerechtigde kijkers. Zo heeft Rutte ook de mens Rutte kunnen neerzetten. Er werd wat jeugd, familie en het persoonlijke zoals de eenzaamheid prijsgegeven. Het huilen toen er uiteindelijk een trein mocht rijden om de MH17-slachtoffers  op te halen, zo Rutte vertelde, was een heel klein kijkje in de ziel. 

Maar uiteindelijk keek Rutte tijdens de  uitzending zo’n vier keer recht in de camera naar ons, de kijker, waarmee het toch wel duidelijk was wie hier de leiding had en hoe ver er kon worden gegaan. Rutte gaf wat hij wilde geven. Overdag – vroeger-  met vrienden op zoek naar Mozart en “’s-avonds de meisjes”. Nou, ja, overdag Mozart en ’s avonds Bach zou ook iets te veel van het goede zijn. 

Geert Wilders attendeerde de kijkers op Twitter naar Heel Holland Bakt te kijken. Zelf zal hij dat zeker niet hebben gedaan. Zo kon hij horen dat Rutte vindt dat zijn één-A4'tje-verkiezingsprogramma – wanneer dat wordt uitgevoerd – de rechtstaat aantast. Het was een bewuste harde aanval op Wilders, en het verbaasde daarom dat Rutte de PVV toch niet definitief uitsluit als coalitiepartner. Wilders kreeg wel opnieuw het stempel ’wegloper’ opgeplakt, dus een uitnodiging aan de formatietafel is voor de VVD zelfs na de verkiezingen nauwelijks verkoopbaar.

Dat Rutte zijn “partijgenoten” in het Belgische Brasschaat van een “dubbele moraal” betichtte, wordt in deze Nederlandse belastingenclave zo vlak over de grens vast niet gezien als een aansporing VVD te stemmen. Opvallend was ook een ‘Aboutalebje’: een fragment waarin Turks- Nederlandse jongeren een NOS-verslaggever belagen en verhinderen zijn werk te doen, deed Rutte zeggen “pleur op naar Turkije”. Waarmee hij bedoelde dat onze normen en waarden gerespecteerd moeten worden. Het klonk scherp en overtuigend. 

En passant kreeg de ‘elite’ (waar Rutte zich overigens zelf ook toe rekent) en de VPRO-kijker in het bijzonder nog een tik op de vingers dat er met name in deze hoek in het verleden veel te begrijpend over het migratieprobleem is gesproken. Net als onlangs in een Telegraaf-interview sprak Rutte over de Stille Meerderheid, die zich nauwelijks meer durft te uiten. Zou kunnen dat de Stille Meerderheid naar Heel Holland Bakt en Ivo Niehe keek, maar campagnetechnisch is het handig de silent majority er toch even in te fietsen, want zo wordt het vanzelf een begrip.

Maar de echte klus moest  worden geklaard op NPO2. Laten weten dat hij een  chico normal  is,  geen klassieke VVD’er van vroeger, geen patser die in dure restaurants eet, Voskuil en Thomas Mann leest, maar ons ook graag meeneemt naar De Toppers. Kortom, dat hij prima geschikt is weer premier te worden en dat we met een gerust hart op hem kunnen stemmen. Dat laatste zei hij niet, maar het knappe is dat hij de twijfelende kiezer zeker aan het denken heeft gezet. Een knappe prestatie. Missie geslaagd.