Poolse en Bulgaarse jongeren in Nederland gaan vaak niet naar school, constateert het Sociaal Cultureel Planbureau in een rapport dat vandaag verschijnt. 

Geregeld pendelen naar het land van oorsprong, taalachterstanden, drankmisbruik, slechte woonomstandigheden en gebroken gezinnen (vooral onder Polen) vormen een bedreiging voor de opvoeding van de kinderen (0-18 jaar), stelt het SCP. In totaal leven er rond de 41.000 kinderen in deze categorie in Nederland.

We spreken met onderzoeker Ria Vogels, opsteller van het rapport en we zijn op kampeerboerderij De Walnoot in Oirlo, waar eigenaar Erik van Heumen Poolse kinderen met een busje naar school brengt. 

Onderzoek

Minister Lodewijk Asscher (Sociale Zaken) wil een diepgravend onderzoek naar de leefsituatie van Poolse, Bulgaarse en Roemeense kinderen in Nederland. Ook wil hij dat Nederlandse ambassades in deze drie landen meer voorlichting gaan geven aan ouders over de gevolgen van een verhuizing naar Nederland.