2013 was het jaar waarin een nieuw woord zijn intrede deed in de politiek: de weeffout. Opeens bleek namelijk dat het moeilijk regeren is zonder een meerderheid in de Eerste Kamer. 

Het kabinet moest, om bezuinigingen en wetten door de senaat te krijgen, op zoek naar gelegenheidscoalities met oppositiepartijen. Uiteindelijk vonden coalitiepartijen VVD en PvdA zich op het nippertje terug in een Herfstakkoord met de ChristenUnie, D66 en SGP. De andere grote partijen (SP, CDA, GroenLinks, PVV) deden niet mee. 

Maar wat ligt aan de basis van deze weeffout van de VVD en PvdA? Wat zagen Rutte en Samsom en co. tijdens het formeren van de regering over het hoofd, en welke gevolgen had dit?