Klein bedrag, pinnen mag. Dat doen we met zijn allen dan ook massaal. De groep die nog contant betaalt, wordt steeds kleiner. Prima, zou je zeggen, maar voor laaggeletterden kan pinnen een groot probleem zijn.

Nog maar vier op de tien Nederlanders betalen met munten en papiergeld, en die groep wordt steeds kleiner. Volgens De Nederlandsche Bank kan dat problemen opleveren. Onder meer de 2,5 miljoen laaggeletterde Nederlanders vinden pinnen erg moeilijk, zo zegt de toezichthouder. Hoe zit dat precies?

Gebrek aan overzicht

"Draadloos pinnen op zich is heel simpel, ook voor laaggeletterden," vertelt Ellen Pattenier van Stichting Lezen en Schrijven. Het probleem schuilt volgens haar in iets anders: "Bij contant betalen weet je exact wat je uitgeeft en wat je overhoudt. Dat zie je terug in je portemonnee. Als je pint zie je dat niet direct terug. Dat gebrek aan overzicht maakt laaggeletterden onrustig en onzeker."

Internetbankieren is volgens Pattenier voor veel analfabeten namelijk geen optie: "Als je niet kan lezen, is internetbankieren niet te doen." Jos Niels is zelf laaggeletterd en hij bevestigt de woorden van Pattenier: "Ik kan niet internetbankieren, daar heb ik echt mijn vrouw bij nodig. De letters zijn te klein, de woorden te moeilijk. Zeker op een klein schermpje van je mobiel of van je laptop is dat niet te doen voor mij."

'Ik vind pinnen geen betalen'

De voorkeur van Niels ligt dan ook bij contant betalen: "Als ik in een winkel moet pinnen dan word ik gek. Ik ga dan tekeer tegen de man achter de kassa, maar wel als een nette meneer. Ik vind pinnen geen betalen, er gaat namelijk geen geld over tafel."

Hij heeft wel een oplossing bedacht: "Banken moeten wekelijks een rekeningoverzicht sturen naar mensen. Waarom doen ze dat niet meer? Zo moeilijk is het niet. Daarmee help je echt 2,5 miljoen laaggeletterden in Nederland om het overzicht over hun financiën te houden."