In menig woonkamer zal het geklonken hebben: 'Toch weer die Duitsers'. In de 90ste minuut was hij er: de 2-3 tegen het Nederlands elftal. Als één voetballand wordt geassocieerd met scoren in de slotminuut dan is het Duitsland wel.

De EK-kwalificatiewedstrijd van gisteravond tussen Nederland en Duitsland was een moeizame voor Oranje. Na een 0-2 achterstand knokten 'wij' ons terug naar 2-2. Om vervolgens gebroken ter aarde te vallen, want aan het einde verlies je het toch van Duitsland: dé specialist in scoren in de slotfase. Toch?

Twee keer in 100 jaar

Is Duitsland wel zo goed in het scoren in de slotfase? Gisteren bleek van wel, maar is het ook aan te tonen op basis van cijfers uit het verleden? Opvallend is dat Nederland in een eeuw slechts twee keer in de slotfase tegen een Duitse zeperd aanliep die zorgde dat een wedstrijd in een gelijkspel of een verliespartij eindigde.

De eerste keer was in 1914, toen een onderling duel in 4-4 eindige. De tweede keer was... Gisteren. Bart Frouws, van sportstatistiek-bureau OptaSports, zocht het uit. "Nederland heeft juist vier keer een late cruciale goal gemaakt tegen de Duitsers", vertelt hij. Dat gebeurde, onder andere, in de halve finale van het EK van 1988 en de wedstrijd Duitsland-Nederland in Gelsenkirchen van november 2018.

Scoren de Duitsers vaker dan andere ploegen in de slotfase? Lammert de Bruin zoekt het uit in 'Feit of Fictie'.

Veel tegendoelpunten aan het einde

Martin van Tuijl, van Tilburg University, deed uitgebreid onderzoek naar late goals. Om te zien of Duitsers echt meer scoren, moet je ook kijken naar andere ploegen om alles in verhouding te zien. Van Tuijl onderzocht tussen 1960 en 2006 alle EK's, WK's, Copa America's en kwalificatieduels voor deze toernooien van alle ploegen die wereldkampioen zijn geworden.

Wat blijkt? Duitsland scoort minder dan de meeste ploegen in de slotfase. Alleen Brazilië doet het van de onderzochte ploegen slechter. "Duitsers krijgen gemiddeld gezien zelfs veel tegentreffers tegen het einde van de wedstrijd. Dat kan komen doordat ze tegen het einde vaker alles of niets spelen dan andere ploegen", zegt Van Tuijl.

De koningen van de slotfase

Voor het Duitse elftal is dus niets significants te vinden op het gebied van laat scoren. Nederland doet het zelfs beter in de slotfase van eindtoernooien. Toch kan maar één ploeg de beste zijn. "De absolute koningen zijn Portugal", zo zocht Bart Frouws uit. "Zij scoren gemiddeld op een eindtoernooi 17 procent van hun treffers in de laatste 5 minuten."

Doen de Duitsers het op clubgebied dan wel heel goed? Nee, ook al niet. Als je de Champions League volledig doorlicht kom je tot de conclusie dat Duitse ploegen gemiddeld 13 procent van hun doelpunten in de slotfase maken. Dat ligt net onder het Engelse gemiddelde. "Er is er één die er echt bovenuit steekt. Dat is Nederland. Onze clubs scoren in de Champions League gemiddeld 17 procent van hun doelpunten in de slotfase", vertelt Frouws.

Lees ook

Een lesje 'op z'n Duits'

We kunnen hier heel kort en duidelijk over zijn. 'Wij' met Oranje, en de Portugezen, kunnen de Duitsers nog het nodige leren over 'op z'n Duits scoren'.

De Portugese nationale ploeg is de beste op het gebied van laat scoren, en Nederlandse teams in de Champions League zijn daar de allerbeste in op clubgebied. Duitsland komt in beide gevallen niet in de buurt.