Een held vindt hij zichzelf niet, maar indruk maakte hij wel. Joost Ramaut miste met zijn gezin op een haar na de aanslag op vliegveld Zaventem, en ontfermde zich direct over een meisje dat huilend op zoek was naar haar moeder. 

Het is één van die aangrijpende verhalen die overblijven na de aanslagen in Brussel. Twee dochters zetten, samen met hun vader, moeder Adelma Marina Tapia Ruz af op vliegveld Zaventem. Terwijl ze haar de rug toekeren en naar buiten lopen volgt een enorme explosie.

De 36-jarige Peruviaanse moeder, die op het punt stond om te vertrekken naar New York, overleeft de klap niet. Haar man en twee kinderen, die haar enkele dagen later achterna zou vliegen, komen met de schrik vrij, maar raken elkaar in de chaos kwijt.

Ruz is het eerste slachtoffer van de aanslag dat wordt geïdentificeerd en staat sindsdien symbool voor de menselijke tragedie in Brussel. Pas later ontdekt Joost Ramaut dat het meisje dat hij in bescherming nam, één van de dochters is van Ruz. Nuchter en dankbaar voor de gezondheid van zijn gezin, vertelt Ramaut over die fatale dinsdagmorgen op vliegveld Zaventem.