De AIVD zou in 2009 en 2010 onderzoek hebben gedaan naar de Israëlische contacten van Geert Wilders. Dat schrijft de Volkskrant vandaag.

Wilders heeft in het verleden veelvuldig contact gehad met Israëlische politici en functionarissen en hij is er ook regelmatig op bezoek geweest. Er bestonden volgens de Volkskrant ‘serieuze vragen over Wilders’ loyaliteit en mogelijke beïnvloeding’. 

De angst ontstond dat Wilders een pion van Israël zou zijn. Daarom besloot de dienst naslag te doen naar zijn contacten. Wilders werd hierbij niet getapt of geobserveerd maar er werd wel in kaart gebracht met wie hij precies contact had.

Het is opvallend dat de AIVD de gangen van een zittend politicus nagaat. Oud-leidinggevenden van veiligheidsdiensten noemen dit vandaag in de Volkskrant zelfs een ‘absolute no-go’. Maar toch is het in het verleden veel vaker gebeurd. Bijvoorbeeld met Minister Roeloef Kruijsinga van de CHU, kamerlid Paul de Groot van de CPN en Fred van der Spek van de PSP.

En óók met oud PvdA-Kamerlid Frans Uijen, bijgenaamd De Rode Majoor. Hij heeft zélf de veiligheidsdienst-dossiers over hem opgevraagd, vertelde hij vanmiddag in Radio Eenvandaag:

Het is dus niet uniek en volgens kenners gebeurt het ook nu nog. Maar bij inzet van bijzondere opsporingsmiddelen moet wel de minister van Binnenlandse Zaken worden geïnformeerd. Dit ging mis toen de AIVD tussen 2005 en 2010 politici op Bonaire bespioneerde, onder wie een vriend van toenmalig minister van Defensie Hans Hillen. Hiervoor was geen toestemming van de minister en daarom maakte de overheid begin dit jaar excuses aan de betrokken politici.

Geen van de betrokkenen wil reageren in de Volkskrant, dus of Wilders een excuses krijgt is de vraag. De PVV-leider reageert alleen op Twitter: