Vol trots ontving de Rotterdamse haven in 2014 het grootste cruiseschip ter wereld, Oasis of the Seas. Het schip kwam bij het droogdok Keppel Verolme voor onderhoud. Maar de komst werd al snel ontsierd toen bekend werd dat de Inspectie SZW bij een onderzoek stuitte op illegale, voornamelijk Filipijnse werknemers zonder vergunning. Het leidde tot een boete van bijna 1 miljoen. De rechtszaak om de boete van tafel te krijgen loopt nog steeds. “Zo lang die boete nog boven de markt hangt staat er een rood kruis door Rotterdam bij de buitenlandse rederijen”, zegt Bas Ort, voorzitter van branchevereniging Netherlands Maritime Technology.

'Rederijen mijden Rotterdam door strenge inspectie'

De maritieme sector in Nederland zegt de afgelopen jaren circa 1 miljard euro aan omzet mis te lopen. Reden is het wegblijven van cruiseschepen voor onderhoud in de Rotterdamse haven. De sector stelt dat rederijen voor hun onderhoudsbeurt Rotterdam mijden omdat de Nederlandse inspectie SZW (voorheen arbeidsinspectie) veel strenger te werk gaat in de Rotterdamse haven dan in andere landen. De inspectie wil illegale, vaak onderbetaalde werknemers weren van de scheepswerf om arbeidsverdringing voor Nederlandse arbeiders te voorkomen. “Maar door de strenge handhaving op arbeidsverdringing houden ze werk, en dus juist arbeidsschepping tegen”, aldus Bas Ort.

‘Boete is reden dat ze niet meer naar ons komen’

Jan Kees Pilaar is sinds een half jaar directeur van het Rotterdamse droogdok, dat nu Damen Verolme heet. Hij bevestigt de lezing van Ort. “Ik heb zelf gehoord van de Amerikaanse rederijen dat de boete de reden is dat ze niet meer naar ons komen.” Deze maand voer een cruiseschip dat zijn toeristen in Amsterdam had afgezet voor onderhoud naar het dok in Hamburg. “Dat schip had gewoon naar ons moeten komen. Dit kost de rederij extra tijd en brandstof. Dan maken ze bewust de keuze Rotterdam te mijden.” De cruise-industrie is booming en trekt steeds meer passagiers. Zeker met de krimpende olie- en gasmarkt pikt Rotterdam hier graag een graantje van mee. “Orders voor onderhoud van een cruiseboot zijn makkelijk tussen de 35 tot 40 miljoen. Daar kan de hele regio van profiteren”, zegt Bas Ort.

‘Europa-breed op dezelfde manier inspecteren’

De sector stelt dat het internationaal gangbaar is dat rederijen eigen personeel inzet voor onderhoudsklussen. Sommige werknemers, ‘the riding crew’, varen mee de hele wereld over. As de toeristen van boord zijn voeren ze ook onderhoud uit. De Rotterdamse haven wil dat de Nederlandse inspectie, net zoals de inspecties in andere landen, meer rekening houdt met deze specifieke kenmerken van de werkzaamheden en dat er Europa-breed op dezelfde manier geïnspecteerd wordt. Ze stuurden in februari een brief naar minister Koolmees, verantwoordelijk voor de Inspectie SZW, met het verzoek in gesprek te gaan. Het gesprek heeft tot op heden nog niet plaats gehad. De minister kondigde afgelopen week wel aan te onderzoeken of de regelgeving voor arbeidsomstandigheden bij dergelijke klussen in Frankrijk en Duitsland hetzelfde wordt geïnterpreteerd als in Nederland.

‘Cruiseschepen hebben kennelijk wat te verbergen’

FNV-bestuurder Cees Bos vindt het helemaal geen schande dat de Nederlandse inspectie afwijkt van de Europese collega’s. “Nu ga je jezelf vergelijken met Frankrijk en Duitsland. Zometeen is het met Egypte. Het is meedoen aan een race to the bottom.” Wat hem betreft kan de controle niet scherp genoeg zijn, want dat komt de veiligheid en de eerlijke arbeidsmarkt ten goede. “Als cruiseschepen Rotterdam mijden hebben ze kennelijk wat te verbergen. Reders en werven moeten zich gewoon aan de wet houden. De inspectie is onderbezet en ziet misschien maar 10% van wat er mis is.”

De gemeente Rotterdam ondersteunt het pleidooi van de martitieme sector. “Voor de gemeente is vooral een ‘eerlijk speelveld’ belangrijk. Wij hechten belang aan dezelfde regels, naleving en handhaving in alle Europese landen”, aldus wethouder Maarten Struijvenberg.