In Amsterdam zijn door de hele stad 96 betonblokken geplaatst. De blokken moeten plekken als De Dam en het Rembrandtplein beschermen tegen een terreuraanslag met een bus of vrachtwagen. Zo’n aanslag zorgde afgelopen zomer nog voor 14 doden op de Ramblas in Barcelona. Maar maken deze blokken Amsterdam ook veiliger?

“Een vrachtwagen wordt zeker weten tegen gehouden”, zeggen ze bij betonfabriek Constar in Amsterdam. De fabriek maakt jaarlijks zo’n vijfhonderdduizend betonblokken, een vijfde van die blokken komt op straat terecht. Zo ook in Amsterdam: “We maken iedere dag zo’n honderd blokken. Voor ons is het maken van die blokken een automatisme, ineens zien we de blokken ook in de Kalverstraat verschijnen. Dat is niet leuk, maar het moet schijnbaar.” 

“Als ik de gemeente was had ik de blokken jaren eerder op straat gezet”, vertelt terrorismedeskundige Rico Briedjal. “Het is nu de tijd om maatregelen te nemen. Als je kijkt naar de landen om ons heen, een aanslag is nu gewoon realistisch.” En dus is het logisch dat er maatregelen genomen worden.

Oud-burgermeester Van der Laan was lang tegen betonblokken in de stad. Betonblokken zouden mensen volgens hem alleen maar banger maken voor terreur. Nu een paar jaar later zijn de blokken er toch. Volgens sociaalpsycholoog Mark Dechesne is de angst veranderd: “Mensen weten dat er een realistische kans is op een aanslag en vinden het fijn om te zien dat er aan hun veiligheid gedacht wordt.” Het is wel belangrijk hoe de veiligheidsmaatregelen eruitzien: “Ga je zwaargewapende militairen neerzetten worden mensen bang, maar zet je grote bloembakken of betonnen bankjes neer, dan wordt er positief op gereageerd.”