De Onroerend Zaak Belasting (OZB), een gemeentelijke belasting voor alle huiseigenaren, gaat volgend jaar gemiddeld met 4 procent omhoog. Dat blijkt uit een steekproef van Vereniging Eigen Huis (VEH) onder 113 gemeenten.

De gemiddelde OZB-stijging van 4 procent in 2020 is fors meer dan de 2,2 procent van dit jaar. Ook zijn de onderlinge verschillen tussen gemeenten opvallend groot.

32,5 procent in Laarbeek

In Laarbeek neemt het OZB-tarief met 32,5 procent toe; een inwoner betaalt daardoor bijna gemiddeld 90 euro meer. Dit is de hoogst gesignaleerde stijging in de steekproef van VEH. Omdat de afvalstoffenheffing ook met bijna 50 procent stijgt komen de extra woonlasten voor huiseigenaren in Laarbeek neer op meer dan 200 euro.

Ook in Goirle (+22,2 procent) en Lisse (+20 procent) schieten de OZB-tarieven flink omhoog. Terwijl in Noordwijk de OZB juist daalt met 3,7 procent. Noordwijkenaren betalen daardoor gemiddeld 13 euro minder volgend jaar.

Vereniging Eigen Huis (VEH) vroeg 355 gemeenten naar hun OZB-plannen. 113 gemeenten reageerden. Dit onderzoek is een steekproef. In februari 2020 brengt VEH een overzicht van alle gemeenten.

'Huiseigenaren draaien op voor gaten in begroting'

Bij veel gemeenten lopen de tekorten op door de stijgende uitgave op jeugdzorg en de Wet maatschappelijke ondersteuning (WMO). Het geld uit Den Haag is vaak onvoldoende om die taken te bekostigen. "De gemeenten mogen zelf de hoogte van de OZB bepalen. Deze heffing wordt daardoor vaak gebruikt als sluitstuk van de begroting", zegt Hans André de la Porte van VEH.

"Het is natuurlijk een verwijt aan het Rijk. Maar je zou ook kunnen zeggen dat alle gemeenten te maken hebben met deze kosten. Dan is het uiteindelijk ook een politieke keuze. Of je bijvoorbeeld de bibliotheek wel of niet openhoudt." Het wringt bij de VEH dat vooral de huiseigenaren via de OZB meebetalen aan het sluitend krijgen van de begroting. "Dat kan niet de bedoeling zijn geweest van de OZB, maar dat is wel hoe het nu gaat", zegt André de la Porte.

Lees ook