Geldtransportbedrijf Brink's Nederland wil zichzelf bewapenen om te voorkomen dat het bedrijf opnieuw slachtoffer wordt van een extreem gewelddadige overval. De overheid kan volgens het bedrijf de veiligheid onvoldoende garanderen.

Brink's Nederland spreekt in EenVandaag voor het eerst openbaar over de zware overvallen waarbij criminelen gelddepots binnendringen met explosieven, op de vlucht de politie zwaar onder vuur nemen en verdwijnen naar België, zonder te worden opgepakt.

‘Aanslagen’

“Invasies” en “aanslagen” noemt Brink's de reeks overvallen op geldbedrijven in de afgelopen twee jaar. Ruim een maand geleden, op 21 maart, was het opnieuw raak bij een gelddepot van Brink's in Best. Gewapende overvallers drongen met zware explosieven binnen. Op de vlucht gingen ze de confrontatie aan met de politie, waarbij ze gericht op politiemensen schoten, en verdwenen in snelle vluchtauto’s over de Belgische grens.

In april wordt op een vergelijkbare manier in Luxemburg een geldbedrijf aangevallen. Een jaar eerder, in april 2012, is een vestiging van G4S in Nieuwegein het doelwit, in maart 2012 een depot in het Duitse Duren en op 29 juni 2011 een vestiging van Brink's in Amsterdam-Zuidoost. Tot nu toe zijn miljoenen buitgemaakt en is geen van deze zaken opgelost. Volgens Brink's is het wachten op de volgende overval.  “Het is zeer verontrustend dat we in 2 jaar tijd een groep die aanslagen pleegt in Nederland niet hebben weten te stoppen.”

Aanpak politie onvoldoende

De politie is niet in staat gebleken de zeer professionele bendes die de overvallen op gelddepots plegen te stoppen, concludeert Brink's. Ondanks speciale maatregelen en extra politie-inzet. Sinds de overval in 2011 op een gelddepot in Amsterdam-Zuidoost geldt voor de beveiliging van geldtransportbedrijven een speciaal regime. Volgens dit protocol krijgen overvallen op locaties van Brink's de hoogste prioriteit van de politie en worden speciale eenheden ingezet. Toch wisten de daders van recente overvallen telkens te ontkomen.

Bewapening, leger?

Voor Brink's is de maat nu vol. Het bedrijf heeft een vergunning aangevraagd om personeel te mogen bewapenen. In 55 van de 60 landen waar het bedrijf actief is, is dat al het geval. Volgens de onderneming, die zich zelden uitspreekt, is de situatie “zo ernstig” dat de “inzet van het leger moet worden overwogen”.

Belgisch netwerk

In België mogen geldtransporteurs zich al bewapenen. Volgens de Federale politie heeft dat, en een reeks andere maatregelen, ervoor gezorgd dat bij onze zuiderburen minder overvallen op gelddepots zijn. Terwijl de daders van de overvallen juist gezocht zouden moeten worden in het Zuiden van België, bevestigt hoofdcommissaris Eddy de Raedt van de Belgische Federale politie. Hij is verantwoordelijk voor het onderzoek naar deze overvallen. Het zou gaan om een honderdtal zware criminelen uit de regio Charleroi die in wisselende samenstelling opereren en zeer moeilijk op te sporen zijn.

In de studio reageert Laetitia Griffith, voorzitter van de Nederlandse Veiligheidsbranche.

update
clock 13-05-2013 17:41

Minister Opstelten tegen bewapenen Brink's

Minister Opstelten ziet het plan van Brink's om zich te bewapenen niet zitten. Hij zal geen vergunning afgeven, kondigt de minister aan in antwoorden op vragen van EenVandaag en de Tweede Kamer. "Het geweldsmonopolie rust bij de overheid. Er is en komt geen mogelijkheid voor personeel van geld-en waardetransporteurs om een wapen te dragen."

De politie beschikt volgens Opstelten "over voldoende middelen en instrumenten tegen deze vorm van criminaliteit." De eventuele inzet van het leger is volgens de minister aan de nationale politie. "De politie kan een beroep doen op het leger als zij dat nodig acht. Maar het is primar de taak en verantwoordelijkheid van de politie om op te treden tegen criminaliteit."

De Nationale politie wil niet in de uitzending reageren. Het korps laat weten dat de "aanpak van zware overvallen de laatste jaren is geintensiveerd, waarbij ook nadrukkelijk de samenwerking met de branche gezocht is. Deze aanpak richt zich niet alleen op versterking van de heterdaadkracht, maar ook op preventie, informatie en onderzoek. Dit gebeurt veelal in samenwerking met politiekorpsen uit onder meer Belgie, Luxemburg en Duitsland." Volgens de politie zijn zo "al overvallen voorkomen en verdachten aangehouden".