De Britse duiker Vincent Woolsgrove is betrapt op het illegaal verkopen van drie 17e-eeuwse kanonnen die afkomstig zijn van de vloot van Maarten Tromp en Michiel de Ruyter. De verdachte hoort vandaag of hij voor het archeologische vergrijp naar de gevangenis moet.

De 48-jarige schatduiker streek in 2010 zo'n 65.000 euro op voor de Nederlandse 24-ponders, maar bekende later te hebben gelogen over de vindplaats van de drie kanonnen.

In de zomer van 2007 vond Woolsgrove in totaal vijf kanonnen, waarvan twee Britse. Het Britse geschut claimde hij te hebben opgedoken bij het wrak van The London, een oorlogsschip op de bodem van de Theems. De kanonnen van Nederlandse herkomst vond hij in de Noordzee, in internationale wateren, zo beweerde hij. Maar dat laatste werd ernstig in twijfel getrokken door historici.

Opsporingsinstanties namen het hoog op. Onderzoek toonde aan dat de Nederlandse kanonnen, net als de Britse, afkomstig waren van het gezonken oorlogsschip The London. En dat maakte ze tot eigendom van de Britse staat. Geconfronteerd met het onderzoeksrapport gaf Woolsgrove toe dat hij fraude had gepleegd.  

Vandaag staat Woolsgrove voor de rechter. In de rechtbank van Southampton hangt hem maximaal drie jaar gevangenisstraf en een boete van 50.000 pond boven het hoofd. In Radio EenVandaag praten we over de zaak met onderwaterarcheoloog Martijn Manders van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed.