In bijna alle provincies vindt een meerderheid dat er op 4 mei in Nederlandse gemeenten ook stilgestaan mag worden bij omgekomen Duitse soldaten. Dat blijkt uit onderzoek van EenVandaag. Alleen in Flevoland en Utrecht is er geen meerderheid voor de herdenking van Duitsers te vinden. Daar vindt respectievelijk 49 en 47 procent dat er mag worden stilgestaan bij omgekomen Duitse soldaten.

Duitse graven

Limburgers staan het meest positief tegenover de herdenking van Duitsers, 62 procent vindt dat dat mag. In Limburg liggen bijna alle Duitse gesneuvelde soldaten begraven. De rest van de in Nederland omgekomen Duitsers ligt in Vorden, Gelderland. Daar is veel te doen over de vraag of er langs de Duitse graven gelopen mag worden op 4 mei.  Ook in Gelderland vindt een meerderheid (56 procent) dat er op 4 mei stilgestaan mag worden bij Duitse soldaten.

In elke provincie vindt een ruime meerderheid het belangrijk om de Nederlandse slachtoffers op 4 mei te herdenken. De Nationale Dodenherdenking moet jaarlijks blijven bestaan.

Bekijk hieronder de uitslag van het onderzoek per provincie.

Over het onderzoek

Het onderzoek vond plaats op 1 en 2 mei 2013.

Regionale peilingen worden gehouden onder het EenVandaag Opiniepanel. Het EenVandaag Opiniepanel bestaat uit ruim 45.000 mensen. Zij beantwoorden vragenlijsten op basis van een online onderzoek. Panelleden krijgen ongeveer één keer per week een uitnodiging om aan een peiling mee te doen. Op de meeste onderzoeken respondeert 60 tot 70 procent van de panelleden.

De uitslag van de regionale peilingen zijn gecorrigeerd naar samenstelling van de provinciale bevolking en representatief voor vijf variabelen, namelijk leeftijd, geslacht, opleiding, burgerlijke staat, en politieke voorkeur gemeten naar de Tweede Kamerverkiezingen van 2012.