Meer dan 90.000 huishoudens in Amsterdam, Rotterdam en Den Haag wonen in slecht geïsoleerde corporatiewoningen. Zij worden nu getroffen door de hoge gasprijzen. Corporaties beloofden om hun woningen voor het eind van dit jaar gemiddeld label B te geven.

In hoeverre huurders een goed geïsoleerd huis hebben verschilt per stad, blijkt uit onderzoek van Investico, Trouw en EenVandaag. Voor het onderzoek werden digitale kaarten gemaakt met daarop per stad de geregistreerde energielabels. Deze werden 'gekruist' met een kaart van het woningcorporatiebezit.

Grote verschillen

Terwijl in Almere nauwelijks slecht geïsoleerde woningen staan, hebben in Arnhem en Den Haag bijna drie op de tien corporatiewoningen een slecht energielabel (D of lager). Nijmegen presteert weer een stuk beter.

In de drie grote steden huren zeker 17.000 huishoudens een woning met label F of G - dit zijn nauwelijks geïsoleerde huizen met meestal enkel glas. Juist de huurders van de armste wijken in Nederland moeten het langst wachten op dubbel glas, een geïsoleerde vloer, of een nieuw dak.

Meest voorkomende energielabel per stad
info

Van A++++ tot G

Een energielabel laat zien hoe energiezuinig een woning is. Woningen met een A++++-label zijn het energiezuinigst. De minst zuinige woningen krijgen een G-label. Door extra maatregelen als nieuwe kozijnen, isolatie of zonnepanelen kan een woning een hoger energielabel krijgen.

Energiearmoede

Als een woning niet energiezuinig is, levert dat acute problemen op voor sociale huurders die vaak moeten rondkomen van een laag inkomen. Driekwart van de mensen die te maken hebben met 'energiearmoede' huurt bij een woningcorporatie. Deze mensen hebben een laag inkomen en een hoge gasrekening of een slecht geïsoleerde woning.

Zo ook Frans van der Heijden, die een woning huurt in Den Haag. "De tocht komt letterlijk langs de kozijnen naar binnen. Ik heb een losse kachel met olie om bij te stoken, anders krijg ik het niet warm. Al jaren is niks meer aan deze woning gedaan." Het kan voor Frans flink in de papieren lopen. "Een vriend van me woont in een vergelijkbare woning, zijn energierekening was plots 600 euro, ik weet niet hoe ik dat ga doen!"

"Het tocht hier als de pieten." In hun oude huurwoning in Den Haag krijgen Frans van der Heijden en zijn vrouw het maar niet warm. Toch investeert de corporatie niet in betere isolatie. Veel corporatiewoningen in de grote steden hebben hetzelfde probleem.

Deadline verschoven

Woningcorporaties beloofden in 2013 in het Energieakkoord dat hun woningen uiterlijk in 2020 gemiddeld energielabel B zouden hebben. In 2016 verschoven ze die deadline naar het einde van dit jaar.

Omdat de corporaties samen een landelijk gemiddelde beloofden, kunnen corporaties in de Randstad achterblijven op het landelijke doel. En dus verschuiven de woningcorporaties hun deadline met een jaar, beloven ze extra maatregelen en weten ze zo bindende regels te voorkomen.

Bekijk ook

Weg met verhuurdersheffing

"Het gaat de goede kant op maar we moeten tempo maken, daarom willen we af van de verhuurdersheffing (een belasting op sociale huurwoningen, red.). Dat geld kunnen we dan investeren in woningen", zegt voorzitter Martin van Rijn, van vereniging van woningcorporaties Aedes.

Aedes zegt dat op basis van hun eigen voorspelling de doelstelling van gemiddeld energielabel B dit jaar wel wordt gehaald.

info

Berekening gemiddelde energielabels

De gemiddelde energielabels per woningcorporatie werden berekend door databestanden van woningcorporatiebezit te 'kruisen' met een landelijke database van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) van geregistreerde energielabels. De volledige verantwoording vind je bij Investico.

Een kwart van alle corporatiewoningen in de drie grote steden is slecht geïsoleerd.

Bekijk ook