Het is de band die na een pauze van bijna veertig jaar weer helemaal terug is in Limburg, die buiten de provincie al lang vergeten was: Carboon. Oud-mijnwerkers die het eerste reünie-concert bezochten zaten met zakdoekjes op de eerste rij. Carboon is de soundtrack van hun werkzame leven en daarna.

Nooit eerder haalde een plaat in dialect zo snel de gouden status. In de jaren na de mijnsluiting in Limburg zochten veel mensen troost in de muziek van Carboon.

In dit jubileumjaar rond de Limburgse mijnsluiting komen er nieuwe concerten en is er een film gemaakt: ‘Witste nog, Carboon’. Dit weekend wordt die uitgezonden op L1.

Sluiting mijnen

31 december 1974 kwam uit de laatste nog werkende steenkolenmijn in Limburg het laatste karretje steenkool naar boven. De mijnen waren hiermee in Nederland definitief verleden tijd. Twee jaar later verscheen de langspeelplaat  “Witste nog Koempel” van Carboon. Een gelegenheidsgroep die in de streektaal zong over de mijnen en het leven van de mijnwerkers.

Het album vol met rauwe en poëtische liederen sloeg in. In twee maanden tijd werden er 50.000 van verkocht. Daarna verscheen nog de tweede lp “D’r letste Koempel”, en toen werd het stil. Totdat Joep Pelt, een geboren en getogen Amsterdam met ouders afkomstig uit Zuid-Limburg het initiatief nam om de groep weer bijeen te brengen. Het resultaat is een opleving bestaande uit een documentaire over de groep en meerdere optredens.

Speciaal voor EenVandaag speelde Carboon een akoestische versie van 'Leef is mien land', volgens liefhebbers het onofficiële volkslied van Limburg. Bekijk de video rechtsboven op deze pagina.

'Leef is mien land'