Niets staat de komst van de Dakota-pijplijn meer in de weg. De lijn, een verbinding in het noorden van de Verenigde Staten tussen de olievelden in North Dakota en een grote opslagplaats in de staat Illinois, is goedgekeurd door ingenieurs van het Amerikaanse leger. De bouw van de lijn is mede gefinancierd door de Nederlandse bank ING.

In één van de eerste decreten die Donald Trump ondertekende nadat hij was beëdigd als president van de Verenigde Staten eiste hij dat het project, de bouw van de pijplijn, snel zou worden afgerond. De aanleg lag al geruime tijd stil omdat zijn voorganger Obama de afronding van de bouw had geblokkeerd na protesten van milieu-organisaties en oorspronkelijke bewoners van het gebied. Zij waren bang voor milieuverontreiniging en vernietiging van het gebied, waar veel voorouders van de Sioux-stam zijn begraven.

Met de goedkeuring van de ingenieurs van het leger lijkt het erop dat de bouw snel afgerond kan worden. Trump heeft al aangegeven dat hij verwacht dat de pijplijn in juni van dit jaar al operationeel zal kunnen zijn.

In EenVandaag meer over de bouw van deze omstreden oliepijplijn, waar onder meer de Nederlandse bank ING bij betrokken is als financier. We spreken met Jos Versteeg, bankier bij Theodoor Gilissen en Johan Frijns, directeur van BankTrack. Deze organisatie stelt 'foute' investeringen van banken aan de kaak. Ook hebben we een gesprek met Dave Archambault II, chief van de Sioux-stam. Hij roept Nederlanders op hun geld bij de ING-bank weg te halen.