Verschillende schoolbesturen in Oost-Nederland stoppen met lapmiddelen om het lerarentekort op te vangen. Door de griepgolf is het lerarentekort deze weken nog voelbaarder dan anders en worstelen scholen om iemand voor elke klas te krijgen. Bij gebrek aan vervanging voor een zieke docent wordt een klas nu soms opgedeeld, of gaat de directeur of een onderwijsassistente voor de klas staan. Schoolbesturen in Oost-Nederland geven aan te stoppen met deze noodgrepen, en bij gebrek aan vervanging de klassen naar huis te sturen. De PO-raad, koepel van schoolbesturen, pleit voor een ‘deltaplan lerarentekort’.

“Wanneer een docent ziek is bellen we de vervangingspool. Als die niemand voor ons heeft dan gaan de kinderen naar huis,” aldus Frans Laarakker. Hij is bestuurder van scholengroep de Gelderveste waar twintig scholen in de Achterhoek onder vallen. Ook schoolbestuurder Ferdinand de Haar van Stichting Fluvium doet het niet graag maar vindt dat hij nu niet anders kan. “Het water staat ons aan de lippen en het is wel het beste signaal. Een directeur van een van onze scholen staat nu elke week structureel anderhalve dag voor de klas. We hebben wekelijks rond de tien klassen die we naar huis sturen. Ik vind dat verschrikkelijk.” In totaal hebben vier schoolbesturen in het oosten van het land zich voorgenomen niet meer aan lapmiddelen te doen, goed voor een totaal van zestig scholen. Een aantal andere schoolbesturen overweegt het nog.

'We moeten zorgen voor goede salarissen en aandacht voor de werkdruk'

De schoolbesturen willen een signaal afgeven aan het kabinet. “We moeten zorgen voor goede salarissen en aandacht voor de werkdruk,” aldus Mieke Wessels van SCO R’ijssel. “We moeten meer mensen aantrekken voor de opleidingen, elkaar minder druk opleggen en misschien nog eens heroverwegen of de kinderen echt 1000 lesuren per jaar moeten krijgen,” vindt De Haar.

Volgens de schoolbesturen gaat de kwaliteit van onderwijs te veel lijden onder alle kunstgrepen die worden uitgehaald om de kinderen maar niet naar huis te sturen. “Het werk van de directeur en de IB’er die voor de klas staat, blijft liggen,” aldus Laarakker. “We zijn nu soms een peuterspeelzaal voor oudere kinderen aan het organiseren,” aldus bestuurder Jan Schakel van D.A.M.. De griepgolf die veel leerkrachten velt, legt een dieperliggend probleem bloot. Het lerarentekort wordt steeds meer voelbaar. Al een tijd hebben scholen de grootste moeite om genoeg docenten te vinden. En invalkrachten krijgen vaste banen aangeboden waardoor de invallerspool steeds kleiner wordt. 

Prognose: lerarentekort zal in 2026 oplopen naar 10 000

Grafiek prognose lerarentekort tot 2026

Volgens de PO-Raad gaan ouders in de komende jaren steeds vaker te maken krijgen met kinderen die naar huis worden gestuurd. De afgelopen jaren zijn veel docenten met pensioen gegaan, en dat gat wordt bij lange na niet opgevuld. Uit prognoses van het ministerie van Onderwijs blijkt dat er, als er niets gebeurt, in 2022 het tekort 4000 leerkrachten zal bedragen en in 2026 zal dat aantal opgelopen zijn naar 10 000. 

Volgens de schoolbestuurders kampt het vak docent met een imagoprobleem. “Het werkplezier moet terug, we moeten elkaar minder druk opleggen en meer vertrouwen hebben in de docent,” aldus Laarakker. De PO-raad pleit voor een deltaplan lerarentekort. “We twijfelen of de urgentie van het probleem in Den Haag voldoende gevoeld wordt,” aldus een woordvoerder. Het woord ‘lerarentekort’ staat niet genoemd in het regeerakkoord. Wel zijn er enkele maatregelen getroffen als het verlagen van het collegegeld voor de PABO. Volgens de PO-Raad is dit niet voldoende en moet er gekeken worden naar een aanpak op grotere schaal.

Op de site www.lerarentekortisnu.nl kunnen directeuren registreren hoeveel leerlingen er thuis zitten, of hoeveel klassen er opgedeeld zijn door het lerarentekort. 

reactie
01-02-2018 01:00

Reactie van het ministerie van Onderwijs:

Het ministerie van Onderwijs laat weten dat de situatie de aandacht heeft en dat het ministerie samenwerkt met werkgevers, schoolleiders en vakbonden om de hoge werkdruk en het lerarentekort het hoofd te bieden.